Roos gaat de wereld rond

Nieuw-Zeeland: het zuidereiland

Vroeg opstaan op maandag 25 januari om op tijd te zijn voor de ferry naar Picton op het zuidereiland. In Picton stappen we op een andere Stray bus. We zijn met een klein groepje en rijden door naar de Marlborough wijnregio. We stoppen bij een wijnproeverij en aangezien ik weinig verstand heb van wijn vind ik ze allemaal een beetje hetzelfde smaken.
We gaan langs Nelson waar een aantal mensen afstappen en dan verder naar Motueka voor een supermarkt stop. Het beeld dat backpackers leven op droog brood en spaghetti is allang achterhaald. Ik moet toegeven dat je veel potten pindakaas, pasta en blikjes tonijn ziet, maar er worden 's avonds in de keuken ook de meest gezonde en uitgebreide maaltijden klaargemaakt. Iedereen heeft zijn eigen koeltas met eten en geïnspireerd door anderen probeer ook ik elke avond wat lekkers klaar te maken, soms alleen en soms samen met anderen. Vanavond hebben we besloten een gezamenlijke barbecue te doen. Aangezien we met een groep meiden zijn is alles zo geregeld en eenmaal op de camping (waar we slapen in kleine cabins) zitten we binnen een mum van tijd te eten met ijs als toetje..hmm.
En oja, als voorgerecht hadden we mosselen uit de regio, een specialiteit van Daisy, onze buschauffeur. De camping ligt op de rand van het Abel Tasman National Park en na het eten gaan we een eindje lopen richting het strand. Eb en vloed zijn hier een wereld van verschil en we lopen zeker een half uur over het strand totdat we het water bereiken. Abel Tasman (een Nederlander!) was de eerste ontdekkingsreiziger die aan land kwam in Nieuw-Zeeland. Hij liep op het strand een groep Maori's tegen het lijf. Zij deden een haka en Abel Tasman liet zijn bemanning vervolgens een dergelijke dans terug doen. Een grote vergissing was echter dat dit door de Maori's geïnterpreteerd wordt als een teken van oorlog en zo kwam het dat Abel Tasman er als de wiederweerga vandoor ging en nooit meer terug is gekeerd en Nieuw-Zeeland uiteindelijk een Britse kolonie is geworden.
Dinsdag heb ik samen met een aantal anderen een zeiltrip geboekt op een grote catamaran.

In de morgen is het bewolkt en er staat een frisse wind. Tegen lunchtijd breekt de zon door en we hebben een geweldige middag. We zeilen langs het National Park en zien zeehonden op rots middenin het water. Tevens zien we diverse kleine pinguïns in het water. Aan het einde van de dag varen we langs ‘split rock', een uit elkaar gespleten rots waar je geinige foto's kunt maken.

Terug op de camping gaan Monia en ik chocolademuffins bakken want Lara (een meisje waarmee ik al sinds Auckland in de bus zit) is vandaag jarig. Na burrito's met kip voor haar gemaakt te hebben vieren we het met de hele groep 's avonds met taart (met kaarsjes uiteraard), chocolademuffins en ijs.
Woensdagochtend rijden we langs de westkust naar Barrytown, één van de kleinste dorpen in Nieuw-Zeeland. We maken een grote hoeveelheid stops onderweg want het uitzicht is ongelooflijk mooi. We stoppen o.a. bij het Paparoa National Park waar we de Pancake Rocks bekijken. In Barrytown slapen we in een hostel dat tevens de locale pub is. We genieten van een prachtige zonsondergang en hebben een gezellig avond in de pub met wazige locals uit de pub.

Het is de eerste dag dat we last hebben van sandflies, kleine irritante muggen die vanaf de grond op je voeten en benen springen. Sommige meiden zitten helemaal onder de beten, maar mijn Buschman spray uit Sydney lijkt goed te werken, want ik heb er maar een paar. Er is een mythe hier in Nieuw-Zeeland dat alleen op de allermooiste plekken sandflies te vinden zijn om te voorkomen dat alle mensen zich hier gaan vestigen en blijven hangen.
De volgende ochtend verlaten we Barrytown en vervolgen we onze weg langs de westkust naar Franz Josef, bekend om zijn enorme gletsjer. We rijden langs Greymouth, Hokitika en Whataroa. Deze ‘steden' zijn rond 1860 ontwikkeld toen er een hoop goud te vinden was in deze regio. We komen rond 16:00 uur aan in Franz Josef. Het is een klein dorp omringd door regenwoud met een paar hostels, een supermarkt en natuurlijk een organisatie die wandelingen op de gletsjer organiseert. Morgen gaan we met een groep een gletsjerwandeling doen en we krijgen nu vast instructies. De Franz Josef gletsjer is een van de snelst groeiende gletsjers in de wereld en is een van de 3 gletsjers in de wereld die redelijk gemakkelijk beklommen kan worden. We slapen vanavond in het Rainforest Holiday Park, wederom in kleine cabins, en het park heeft zelfs een hot spa waar we na het eten gebruik van maken.
Vrijdagochtend moeten we ons al vroeg melden bij het glacier centrum en we krijgen een broek, jas, handschoenen, muts en cramp-ons (ijzers voor onder je schoenen).

Na 10 minuten in de bus en ongeveer een uur wandelen komen we bij het begin van de gletsjer aan. Het is een prachtige dag. We binden de cramp-ons onder en luisteren naar instructies van onze gids. Het lopen over het ijs gaat vrij gemakkelijk met de cramp-ons. Hoe hoger we op de gletsjer komen hoe lastiger het parcours wordt. We gaan tussen gespleten ijsrotsen door en springen over water.

Tegen lunchtijd staat er een sterke wind en trekken we onze broek, jas en handschoenen aan. Tijdens de trip moeten we af en toe wachten tot onze gids de weg vrij maakt en dus maken we maar belachelijke foto's.
Aan het einde van de middag beginnen we met de afdaling en eenmaal beneden zijn we behoorlijk moe. We leveren onze spullen in en trakteren onszelf op een pizza. Dan gaan we naar het spa center waar we een kaartje voor hebben gekregen bij de boeking van onze glacier walk. We blijven een paar uur in de verschillende baden zitten en gaan dan gedoucht terug naar onze cabin. Het was een fantastische dag.
Zaterdag vervolgen we wederom onze route langs de westkust en maken stops bij Lake Matheson waarin je een perfect weerspiegeling van de bergen ziet. Het is helaas regenachtig en bewolkt, maar nog steeds een schitterend gezicht.

's Middags passeren we de Gates of Haast en het landschap veranderd van regenwoud naar bergen, naar strand en naar grote blauwe meren. We slapen in een bungalow op een camping. Het uitzicht is onwerkelijk mooi. Er is een zwembad op de camping dus we dumpen onze tas en liggen de rest van de middag in het zwembad. 's Avonds maak ik lekkere pasta met bacon en gaan we naar de bar voor een drankje. Er is een karaoke avond en we zingen de sterren van de hemel...ahum.
Zondagmorgen gaan we op weg naar Queenstown. Queenstown wordt ‘the adventure capital of the world' genoemd vanwege 's werelds grootste aanbod van activiteiten zoals bungyjumpen, skydiven, raften, canyoning, etc. We komen eerst langs Lake Wanaka, waar ik een reservering heb voor een skydive....spannend! Het is echter weer bewolkt en Daisy krijgt een telefoontje dat de skydives voor deze morgen zijn afgelast. Het zit niet echt mee wat betreft de skydive. Daisy maakt meteen een reservering voor morgen in Queenstown, want de weersvoorspellingen zien er gunstig uit. Na het bezoek aan Wanaka rijden we door richting Queenstown en komen langs de eerste commerciële bungy plek ter wereld. Alles is hier begonnen met A.J. Hackett, een gek die het nodig vond van bruggen af te springen met een elastiek. Ik ben nog steeds een beetje bedroefd dat mijn skydive was afgelast dus besluit om mezelf maar te trakteren op een bungyjump. Ik ben de enige uit de bus die gaat springen dus iedereen staat me aan te moedigen en foto's te maken. Het gaat allemaal heel snel. Na betaald te hebben wordt je gewicht op je hand geschreven en krijg je een ticket mee voor de jump. Je loopt de brug op wordt daar geïnstrueerd door een van de instructeurs. Het elastiek wordt aan mijn benen vastgemaakt en voor ik het weet sta ik op de brug. Ik mag even zwaaien naar de rest en heb met mijn linkerhand nog de brug vast. De instructeur zegt 3x dat ik los moet laten voordat ik hem versta en zodra ik dat doe zegt hij: 3....2....1....bungy! Oh mijn god ik moet al springen. Kan moeilijk blijven staan (wil natuurlijk geen watje zijn) dus er zit niets anders op dan te springen. Ooooooh my god, ik ga dood! Oh nee toch niet, ik hang aan een elastiek!

Ik dacht altijd dat je nek een klap kreeg bij bungyjumpen, maar niets van dat alles. De instructeur had gevraagd of ik het goed vond om met mijn hoofd in het water te komen en dat vond ik prima, maar ik raak het water niet eens aan. Na een paar keer op en neer gebungeld te hebben word ik in een boot gehesen en naar de kant gebracht. Whaaaa ik wil nog een keer! Ik haal mijn filmpje en t-shirt op bij de receptie en iedereen wil natuurlijk weten hoe het was. Na mij besluiten 2 meiden om ook te gaan en daarna zetten we koers richting Queenstown. We checken in bij het splinternieuwe Nomads hostel. Er is vanavond een gratis bbq dus daar sluiten we ons graag bij aan. Tevens boek ik met Lara een dagtrip naar Milford Sound voor aankomende dinsdag. De gratis bbq stelt niet veel voor, maar we hebben weinig zin om zelf nog wat te koken. 's Avonds worstel ik met het trage internet om mijn bungy filmpje up te loaden en uiteindelijk lukt het.
De volgende morgen kan ik voor het eerst in lange tijd uitslapen en ik word pas om 11:30 uur wakker! Omelet bakken, douchen en een beetje relaxen voordat ik me om 15:20 bij het skydive center moet melden. Ik zie dat er nog 2 meiden zijn die ik ken dus dat is wel gezellig. Na allerlei verklaringen ingevuld te hebben worden we met een busje naar de plek gebracht waar het vliegtuig de lucht in gaat. We moeten bijna 2 uur wachten, maar dan is het toch eindelijk zover. Ik krijg een pak aan en een rare muts en bril op en ik ga samen met een Duits meisje de lucht in. De instructeurs maken allemaal domme grapjes zo van ‘dit is mijn eerste dag' en voordat ik het weet zitten we al in het vliegtuig. Mijn instructeur maakt zijn harnas aan die van mij vast en vraagt me mijn muts en bril op te zetten. Op 12.000 ft hoogte gaat de deur open en gebaart mijn instructeur dat ik in de deuropening moet gaan zitten. Hij telt af en we springen uit het vliegtuig. We duikelen een keer of 2 voordat we recht naar beneden vallen. Na een paar seconden mag ik mijn harnast loslaten en mijn armen wijd doen. De freefall duurt ongeveer 45 seconden en is echt fantastisch! Ik vind het helemaal niet eng en je krijgt ook geen vreemd gevoel in je buik.

Zodra mijn instructeur de parachute opent zweven we rustig heen en weer. Nu pas heb ik tijd om het schitterende landschap onder ons te bekijken. Hij vraagt of ik zelf de parachute wil besturen....ja natuurlijk wil ik dat! Na een aantal minuten neemt hij de parachute weer over om te gaan landen en voor ik het weet staan we alweer op de grond. Yeah i made it!!! Het is inmiddels al 18:30 en we worden met het busje teruggebracht naar het centrum. We hadden met een groepje om 19:00 uur afgesproken bij Fergburger (beroemd hamburgerrestaurant hier in Queenstown) en ik ben precies op tijd. We halen een burger en drankjes en nemen alles mee naar het strandje aan het meer. Na mijn burger ga ik naar de Pub on the Wharf waar ik heb afgesproken met Chris en Machteld (die ik heb leren kennen in de Transmongolie Express). Chris en Machteld zijn aan het rondtrekken met een campervan en hadden me gemaild om af te spreken. We kletsen de hele avond over onze avonturen in Mongolië, China en Tibet en alles wat we daarna nog hebben meegemaakt. We zitten een poos aan het water en doen daarna nog een drankje in de pub en genieten van de livemuziek.
Dinsdagmorgen gaat mijn wekker veel te vroeg. Ik ga met Lara naar Milford Sound en het wordt een lange dag. We moeten in totaal 600 km afleggen. We slapen nog een paar uurtjes in de bus op de heenweg. Vanaf Te Anau stoppen we een aantal keer bij mooie plekken.

Om 13:30 uur komen we aan bij Milford Sound en vertrekken we meteen op de boot. Milford Sound is overigens geen sound, maar een fjord. We zitten net aan onze lunch als iemand roept dat er dolfijnen bij de boot zwemmen. Ik spurt naar buiten en zie ze voor en naast de boot zwemmen. Ze zijn zo schattig! Door alle opwinding vergeet ik een foto te maken. We eten onze lunch op en genieten vanaf het bovendek van de omgeving. We zien een groep zeehonden genieten van de zon, grote watervallen en besneeuwde bergen.

Ik ben het er volledig mee eens dat Milford Sound in de top 3 van de mooiste plekken op aarde staat. In de bus terug slapen we weer een paar uur en om 20:00 uur zijn we terug in Queenstown. We hebben afgesproken met Monia en gaan naar de sauna in ons hostel.
Woensdag heb ik een relaxdag. We (Monia, Lara en ik) switchen van het Nomads hostel (groot en nieuw, maar slechte service) naar een kleiner hostel net buiten het centrum. Gratis wifi hier dus ik kan mijn skydive video uploaden. We kijken Shrek 1 en 2 en gaan dan relaxen bij het meer. Queenstown is ‘the place to be' voor backpackers in Nieuw-Zeeland en bij het meer ligt zowat iedereen die niet aan het bungeejumpen, raften of skydiven is. Het is gigantisch heet vandaag dus we houden het niet zo lang vol. We doen boodschappen om vanavond voor de laatste keer met z'n drieën te koken. 's Avonds gaan we barhoppen in Queenstown. Ze hebben hier geen ‘buckets' zoals in Thailand, maar theepotten met cocktails. Nieuwe trend???

Voordat we naar bed gaan nog één keer een Fergberger halen. Voor de kenners: de Coocadoodle Oink is jammie!
Donderdagochtend moeten we veel te vroeg op na een paar uur slaap, want we gaan weer verder met de Stray bus. We nemen afscheid van Monia (die gaat werk zoeken in Queenstown) en stappen in de bus. We rijden naar Lake Tekapo, een gigantisch groot blauw meer, vanwaar we uitzicht hebben op Mount Cook. Na de lunch rijden we door naar Geraldine, waar Lara en ik afstappen omdat we daar de volgende dag gaan raften. We worden naar een sheap lodge op het platteland gebracht waar we vanavond overnachten. Op de weg ernaartoe zien we honderden schapen en een heleboel herten. Het lijkt of we in de serie ‘Mc Cleod's Daughters' zijn beland. Er wonen een aantal ratinginstructeurs, maar samen met één andere backpacker zijn we de enige toeristen die vanavond in de lodge slapen. We installeren ons met een boek in de zon en vallen al snel in slaap. 's Avonds maken we een lekkere salade en kijken een paar films. Vrijdag kunnen we uitslapen, want pas om 10:30 uur arriveren de andere rafters vanuit Christchurch. We krijgen lunch, instructies en onze outfit. Alles verloopt heel professioneel, wat volgens hen ook nodig is omdat we over level 5 stroomversnellingen gaan raften. Na 10 minuten met de bus beginnen we met raften. De omgeving is echt onwijs mooi. Maar veel tijd om daarvan te genieten hebben we niet, want we moeten goed opletten. Drie uur lang raften we over de Rangitata rivier en het is super. De raft gaat één keer om, maar we zijn allemaal snel weer terug bij de boot en niemand is gewond geraakt.

Op het einde springen we nog van een 10 meter hoge rots en laten we ons een stuk met de rivier meedrijven. Moe, maar voldaan gaan we met de bus terug, nemen een douche en genieten van de barbecue die al aan staat. Na de barbecue worden we samen met de andere rafters naar Christchurch gebracht, alweer mijn laatste bestemming in Nieuw-Zeeland. We checken in bij een hostel, eten nog wat en kijken met bijna alle meiden uit het hostel ‘Sex and the city the movie'. Ik ben doodop dus ga op tijd naar bed.
Vandaag is mijn laatste dag in Nieuw-Zeeland. Ik was mijn kleren, check mijn e-mail en we gaan met een paar meiden de stad verkennen. Ik heb boodschappen gedaan om vanavond pannenkoeken te bakken als afscheid. Ik heb een geweldige tijd gehad in Nieuw-Zeeland. Zoals de kiwi's zeggen het was ‘AWESOME', ‘SWEET AS', ‘WICKED' and I had ‘HEAPS OF FUN'.
Ik zou graag een keer terugkomen om met een camper rond te trekken en o.a. de Nevis Bungyjump te doen (134 meter) en de Tongariro Crossing te lopen (ben nog steeds pissig dat het was afgelast vanwege slecht weer). Het is een schitterend land en als het niet zo ver weg was zou ik iedereen aanbevelen om direct een vlucht te boeken.
Morgenochtend vlieg ik naar Melbourne en ga daar 10 dagen met Dave in een campervan rondtrekken, o.a. over de Great Ocean Road. Ik hoop dat het rijden aan de linkerkant van de weg en de hitte mee gaan vallen. Het volgende bericht komt dus weer van ‘down under'. G'day mates!

Nieuw-Zeeland: het noordereiland

Het is zondag 17 januari en ik kom om rond 15:00 in Auckland aan. Het was maar 3 uur vliegen vanaf Sydney, maar er is een tijdverschil van 2 uur. Het is hier in Nieuw-Zeeland 12 uur later dan in Nederland. De douane in Nieuw-Zeeland is vrij streng. Zonder een retourticket kom je het land niet in en ze willen weten wat je plannen precies zijn. Mijn tas ligt al op de bagageband en ik loop het vliegveld uit richting de bus. De airport express brengt me binnen 45 minuten in het centrum en ik check in bij het hostel dat ik heb uitgezocht. Het is even wennen om weer in een hostel te zijn. Al je waardevolle spullen moeten in een kluisje en er zijn altijd mensen om je heen. Ik slaap in een kamer met 8 meiden en de hele kamer ligt vol met spullen. Ik ga wat eten met een Amerikaans meisje uit mijn hostel. 's Avonds heb ik afgesproken met Ton en Michelle. Michelle ken ik via gezamenlijke vrienden en Ton heeft bij mij op de middelbare school gezeten. Ze hadden mij een mailtje gestuurd toen ze op hyves zagen dat ik ook in Auckland was en vroegen of ik het leuk vond om wat te gaan drinken. Natuurlijk! We spreken af bij de Sky Tower en lopen richting Albert Park. Michelle heeft een fles wijn en bekers meegenomen en het is gezellig om de hele avond over thuis, de middelbare school en gezamenlijke vrienden te praten. Michelle en Ton gaan door Nieuw-Zeeland reizen met een camper, dus wellicht zien we elkaar nog op een andere plek.


De volgende ochtend ontbijt ik bij de pier en loop door de stad. Rond lunchtijd heb ik afgesproken met Stijn en Thomas, de Belgen die we in de Annapurna hebben ontmoet. Zij zijn na Nepal door India gaan reizen en zijn nu net als ik aan toe om een poosje in een georganiseerd en schoon land te reizen. Na aan broodje bij de Subway ga ik met de jongens mee op pad om een huurauto te zoeken. Zelf heb ik vorige week online een busticket bij Stray gekocht. Stray heeft een hop-on hop-off systeem en ik heb de Short-Max pass gekocht die zowel over een stuk van het noorder- als zuidereiland gaat. Nadat ze een geschikte auto hebben gevonden gaan we naar een grote supermarkt om inkopen te doen voor vanavond. In de keuken van het hostel maken we groentensoep en rijst met kip dat we opeten op het dakterras.

Daarna gaan we richting the Belgium Beercafé dat de jongens gisteren hebben ontdekt. De jongens genieten van een Duvel biertje en we praten na over onze tijd in Nepal.
De volgende ochtend stap ik op de Stray bus. De meeste mensen zijn in de 20, meer meiden dan jongens en van allerlei nationaliteiten. Er zijn ook een paar Nederlanders bij. Er is een ouder koppel van een jaar of 55 die meteen tot opa en oma van de groep zijn benoemd. We gaan eerst langs het Stray kantoor en daarna door naar onze bestemming van vandaag, Hahei. Onze buschauffeur Daisy (alle Stray chauffeurs hebben wazige nicknames) is een echte kiwi (Nieuw-Zeelander) van 25 en verteld ons veel over de plaatsen waar de doorheen rijden door zijn microfoontje. Tevens regelt hij alle reserveringen van hostels en excursies. Er is altijd een hostel waar Stray een speciale deal mee heeft, maar je bent vrij om naar elk hostel te gaan waar je wilt. Als je in het Stray hostel wil blijven kun je intekenen op een lijst in de bus. Ook voor diverse excursies in de plaatsen waar we de volgende dag heen gaan kun je intekenen. We doen een supermarkt stop en we vertrekken voor het laatste stuk richting Coromandel Bay. We gaan de bergen in, maar dan stopt de bus langs de kant van de weg, Daisy springt eruit en komt weer binnen en zegt: Do you know that sometimes when you're travelling you have bad luck.....that's today! En dus staan we met de allernieuwste Stray bus met pech langs de kant van de weg.

We wachten een poosje op de chauffeur en na 1,5 uur zijn we weer op weg. Aangekomen bij het hostel voor die nacht (wat meer lijkt op een plek waar je met schoolkamp heen gaat) dumpen we onze tassen, trekken onze bikini's aan en gaan op weg naar Hot Water Beach. Op dit strand kun je als het eb begint te worden kuilen graven in het zand waar vervolgens water omhoog komt van natuurlijke bronnen onder de grond. Het is lekker warm en sommige plekken zijn zelfs te heet om te zitten.

Terug in het hostel lekker douchen en vervolgens bbq-en. We hebben geld ingezameld en vlees en salades etc. gekocht. Het is lekker en we zitten tot laat buiten. Het is hier 's avonds een stuk koeler dan in Sydney en ik ben blij met mijn nieuwe joggingbroek.
Woensdagochtend vroeg op en de bus in richting Raglan. Het is een pittige rit, maar onderweg geeft Daisy veel informatie en we stoppen regelmatig bij uitkijkpunten of andere interessante dingen. Aangekomen in Raglan checken we in bij de Karioi lodge, midden in de bush met uitkijk op de Whale Bay surf area. We gaan met een groepje naar het strand en een aantal nemen een surfles. Ik wilde een board huren, maar de golven zijn niet al te best vandaag dus ik besluit met de rest te relaxen op het strand. Toevallig zijn vandaag een aantal van de All Blacks (nationaal rugby team) op het strand en dat is hetzelfde als in Nederland het Nederlands Elftal op het strand is; veel commotie dus. Terug bij de lodge gaan we de sauna in en 's avonds kook ik met 2 andere Nederlandse meiden en het smaakt prima. Het is erg fijn om weer af en toe zelf te koken. Na het eten bekijken we vanaf een uitkijkpunt de zonsondergang en check ik mijn e-mail op een van de computers in het hostel. Er is hier in Nieuw-Zeeland nergens gratis wifi en vaak hebben de hostels alleen computers waar je muntgeld in moet gooien.
De volgende ochtend snel ontbijten en op weg naar Waitomo, een grote attractie vanwege de grotten en gloeiwormen. Samen met een Nederlands en Braziliaans meisje doe ik een excursie door de grotten. Het is al de hele dag aan het regenen, maar tegen lunchtijd klaart het even op. De blauwe lucht is hier schitterend als het mooi weer is. Maar helaas ziet de weersvoorspelling voor de komende dagen er slecht uit ondanks dat het hartje zomer is. We gaan met een raft de grot in en zien honderden gloeiwormen.

Daarna gaan we nog naar een andere grot en krijgen van de gids meer dan genoeg informatie over het ontstaan hiervan. Hij praat zo veel dat mijn oren na een uur nog tetteren...ja ja ik hoor jullie zeggen ‘dan weet je ook eens hoe het voelt'. We gaan terug naar de bus en zetten koers richting Maketu. Vanavond was er de optie om te verblijven bij een lokale Maori familie en uiteraard ben ik van de partij. Als we aankomen stapt Uncle Boy, de stamleider van de familie, de bus in en legt ons de regels uit van ons verblijf bij de familie. We gaan naar binnen en krijgen een traditionele Hangi maaltijd te eten. Daarna gaan we naar de marea (meeting house) voor de openingsceremonie. De Maori mannen dansen heel erg agressief. Ze pikken de oudste man van onze groep eruit en benoemen hem tot onze stamleider. Daarna moet iedereen elkaar gedag zeggen op de traditionele Maori manier. Dit doe je door middel van het aanraken van elkaars hoofden en neuzen en het zeggen van de woorden ‘kiora'.

Hierna krijgen we lessen over de Maori tradities. De jongens gaan naar een ander verblijf om een haka te leren en wij leren een dans met poi's, een soort ballen met een touwtje eraan. We hebben de grootste lol en na een half uur gaan we zitten en komen de jongens binnen om de haka voor ons te doen en vervolgens doen wij onze dans. Het is echt hilarisch en ik ga proberen de filmpjes up te loaden op mijn site. We toveren vervolgens de marea om tot slaapzaal door matrassen en dekbedden neer te leggen. Na een douche lekker relaxen. Dan zie ik tot mijn verbazing dat er een onbeveiligde wifi verbinding is. Dus binnen een aantal minuten zit iedereen met zijn computer, I-phone of Blackberry op schoot om zijn e-mail te checken en andere zaken te regelen. Het is laat als we gaan slapen en wonderbaarlijk genoeg slaapt iedereen prima alhoewel we met z'n 40-en in een ruimte liggen.
Vrijdag verlaten we Maketu na het afscheid van Uncle Boy en rijden we naar Rotorua. Rotorua staat bekend om de thermische bronnen. Het is er druk, want morgen start er een groot reggea festival. We kijken rond in het centrum en bewonderen het meer. 's Middags gaan we verder richting Taupo. Taupo heeft 's werelds grootste kratermeer en ik heb me opgegeven om vanmiddag te gaan skydiven. Helaas is het nog steeds bewolkt en regenachtig en is het even afwachten of het door gaat. Eerst gaan we onderweg nog langs een hot water spring. Het water wordt opgewarmd door de vulkanische activiteit ondergronds.

Na de hot spring rijden we langs een grote modderpoel. Deze is te heet om in te gaan, de modder kookt zowat en spettert omhoog. We gaan verder naar Taupo en helaas wordt de skydive afgeblazen vanwege het slechte weer. Gelukkig zijn er nog genoeg plaatsen in Nieuw-Zeeland waar ik kan springen :-). We doen boodschappen bij de Pak 'n Save (een soort Jumbo) en gaan koken. Het regent inmiddels keihard en dus blijven we 's avonds maar in het hostel en spelen potjes kaart. Ik ben de laatste dagen veel opgetrokken met Amanda, een Braziliaanse meisje die haar arm heeft gebroken tijdens het surfen in Bali. Ze reist alleen dus ik heb haar af en toe geholpen. Ze gaat morgen terug richting Auckland en om me te bedanken heeft ze een kiwi knuffelje gekocht, zo lief! De kiwi is overigens een vogel die alleen voorkomt in Nieuw-Zeeland. De vrucht kiwi komt ook uit Nieuw-Zeeland, maar is vernoemd naar de vogel. Ik ga vroeg naar bed, want morgen staat er een trekking op het programma van 19 km over de Tongariro Crossing. Er zijn maar een aantal mensen die de trekking doen, want hij schijnt zwaar te zijn maar ik ben wel weer klaar voor een beetje actie.
We moeten zaterdag extra vroeg op pad (7:00) want het is een anderhalf uur rijden naar Tongariro National Park. Het is droog in Taupo, maar hoe dichter we bij het National Park komen hoe slechter het weer wordt. Eenmaal aangekomen stappen we uit de bus en het is ijskoud en het regent keihard. Ik had al eens gehoord dat je in Nieuw-Zeeland vier seizoenen in een dag kunt hebben, maar dit is wel heel bizar. We gaan het kantoortje binnen en daar krijgen we te horen dat het niet verantwoord is om vandaag te gaan lopen. Bah dat is balen, ik had me er zo op verheugd. Maar ja, niets aan te doen. Je kunt hier ook een aantal dagen blijven, maar de weersvoorspellingen zijn slecht dus ik besluit om maar verder te reizen naar het Zuidereiland aangezien het daar schijnbaar beter weer is. We rijden door naar de lodge waar we na de wandeling zouden blijven slapen en gelukkig kunnen we al inchecken. Het is het mooiste hostel waar we tot nu toe geweest zijn en we installeren ons voor een megaflatscreen op zitzakken en sofa's en steken de open haard aan. Buiten blijft het storten van de regen en ach, een dagje relaxen is ook zo gek nog niet. Ik hoop wel dat het weer wat beter wordt, want het is zonde om zoveel van het mooie Nieuw-Zeeland te missen.
Zondag de 25e is een lange reisdag. We gaan vandaag van Tongariro National Park naar Wellington, de hoofdstad van Nieuw-Zeeland. Van de groep waarmee we begonnen zijn is inmiddels niets meer over. We zitten nu met 8 meiden en 1 jongen in een bijna lege bus. Dat maakt het wel erg gezellig, want je leert elkaar beter kennen en we reizen een stuk sneller met zo'n klein groepje. Het regent nog steeds en we maken diverse stops om de busrit even te onderbreken. We stoppen in een klein gehucht om te lunchen en een van de meiden komt me uit de Subway halen omdat ze een Nederlandse winkel heeft gezien. Ik spurt ernaar toe en ja hoor: Dutch deli the windmill! Ze hebben er werkelijk alles: speculaas, stroopwafels, drop, Senseo, Zwitsal, Maggi, Conimex, leverpastei en ga zo maar door.

Ik koop stroopwafels, Amsterdammertjes en een zak dubbelzoute drop. Ik laat iedereen een dropje proberen en de meesten spugen het meteen weer uit hahaha. We komen rond lunchtijd in Wellington aan, checken in bij het hostel en gaan naar het nationale museum: Te Papa. Het museum is gratis, maar het meest interactieve dat ik ooit heb gezien. Er zijn 3 verdiepingen vol met informatie over de geschiedenis, de dieren, de Maori en alles wat je maar kunt bedenken. Andere landen zouden hier absoluut een kijkje moeten komen nemen. Na een paar uur in het museum koop ik bij een grote boekhandel de Lonely Planet van de regio Victoria in Australia, want ik heb besloten om na mijn busreis naar Melbourne te vliegen om Dave op te zoeken. We willen met een campervan o.a. de Great Ocean Road doen! Ik vind de busreis super, maar het lijkt me ook helemaal leuk om een poosje zelf te rijden, te kamperen en zelf te beslissen waar je die dag heen gaat. 7 februari vlieg ik vanuit Christchurch naar Melbourne.
's Avonds doen we een quiz in de bar van het hostel. Ze zijn hier in Nieuw-Zeeland ontzettend streng wat betreft alcohol en identificatie. In de supermarkt moet je altijd je paspoort laten zien als je alcohol wilt kopen en er komt dan zelfs een soort manager je paspoort bekijken. In de bar van het hostel mag je niet eens naar binnen als je geen paspoort bij je hebt. Sommige mensen hebben hun paspoort bij vrienden in Auckland achtergelaten en hebben een kopie bij zich, maar mogen niet naar binnen. Ook al ben je in de 50, regels zijn regels volgens de kiwi's.
Tot zover het noordereiland. Morgenochtend nemen we de ferry naar het zuidereiland waar hopelijk wel de zon schijnt!

22 miljoen + 1 down under

Op zaterdag 9 januari kom ik 's ochtends vroeg aan op Sydney Airport. Ik zit nog in mijn Azië modus (iedereen die tegen je praat negeren en gewoon doorlopen) en als een vrouw mij vraagt ‘do you have anything to declare?' loop ik gewoon door. Dat vindt ze niet zo leuk en laat me terugkomen. Oeps! Vervolgens in de rij voor de douane. De douanier scant vrolijk mijn paspoort, maar dan komt er een melding op de computer dat mijn paspoort extra gecontroleerd moet worden. Ik word opgehaald door iemand en moet buiten een kantoortje wachten. Na 10 minuten krijg ik mijn paspoort terug en ik krijg geen antwoord op de vraag wat er gecheckt moest worden....
Snel bagage ophalen en door naar de aankomsthal waar ik opgepikt word door Sylvia, Dennis en Leny! Zo lief dat ze alle drie gekomen zijn. Even ter informatie: Leny (bijna 88 en nog steeds superfit) is de oudste zus van mijn opa. Ze is na de oorlog naar Australië vertrokken per boot. Haar dochter Sylvia is getrouwd met Dennis en ze wonen in Westleigh, een buitenwijk van Sydney. Leny woont 2 uur van Sydney aan de kust, maar blijft vaak in de zomer (ja het is hier nu hartje zomer) een paar weken bij Dennis en Sylvia logeren.
We rijden naar het huis en Jessy (de hond) komt ons al tegemoet in de tuin. Ze is onwijs groot, maar zo'n lieverd. Ik heb een hele mooie kamer voor mezelf. En er is een groot zwembad in de tuin! De rest van de dag doe ik lekker rustig aan, geniet van het lekkere brood met verschillende soorten kaas en klets over van alles en nog wat met Sylvia en Leny.
Zondag slaap ik uit (heb een beetje last van een jetlag) en na een heerlijk ontbijt nemen Sylvia en Leny me mee naar Pittwater, een van de mooiste kusten in de buurt van Sydney. Het is verschrikkelijk heet en we blijven zoveel mogelijk in de schaduw.

Ik ben nog steeds erg moe en ga 's avonds op tijd naar bed. De volgende dag gaan we naar Hornsby, een groot winkelcentrum, om een nieuwe camera te kopen. Sinds 1,5 week zit er op onverklaarbare wijze een heel klein krasje op de lens van mijn camera. Door dit krasje is er op elke foto een donkere vlek zichtbaar. Om het toestel te laten repareren betaal je de hoofdprijs en bovendien duurt het een paar weken dus ik besluit een nieuwe te kopen. We vergelijken de prijzen van de verschillende winkels en ik koop de nieuwe Lumix TZ7. 's Middags meteen uitproberen en is helemaal super. Aan het einde van de middag zit ik altijd met Leny aan de keukentafel terwijl Sylvia aan het koken is. Ik check mijn mail of lees een boek en Leny is meestal aan het breien. Als Dennis thuis is rond een uur of 20:00 uur gaan we eten en kijken nog wat tv. Heerlijk om even tot rust te komen hier.
Dinsdag gaan we met z'n vieren naar de Blue Mountains. We staan vroeg op, want het wordt een lange dag. Het is bijna 2 uur rijden naar de Blue Mountains, maar het is een schitterende route. Het is alweer een ontzettend hete dag , 's middags komt de temperatuur boven de 40 graden. Gelukkig is de airco in de auto koel. Het bergachtige gebied dankt zijn naam aan de blauwe waas die er hangt. Dit komt door de Eucalyptus bomen die een olieachtige blauwe damp in de atmosfeer brengen. We gaan langs verschillende mooie uitkijkpunten.

Als laatste gaan we naar Echo point, waar alle toeristen komen. Vanaf deze plek kun je de beroemde ‘Three Sisters bewonderen', drie rotsformaties die naast elkaar staan. J

e kunt ook lange wandelingen maken in de Blue Mountains en later horen we op het nieuws dat er die dag een aantal jonge mensen zijn verdwaald. Twee dagen later worden ze gevonden en is er helaas één overleden....bah.
De volgende dag besluit ik om een dag naar het centrum van Sydney te gaan met de trein. Sylvia zet me af bij het treinstation en na 40 minuten ben ik in hartje centrum. Ik stap uit bij het Queen Victoria Building, een ontzettend mooi en groot gebouw waarin diverse winkels zitten. Verder bekijk ik die dag nog Hyde Park, de Strand Arcade en Darling Harbour. Alle surfwinkels hebben ontzettend gave spullen. Ik beperk me met moeite tot de 3 dingen die ik nodig heb: een nieuwe joggingbroek (onderweg gestolen), een drinkfles (je kunt hier en in Nieuw-Zeeland uit de kraan drinken) en nieuw muggenspul. Ik ben de eerste dagen hier alweer helemaal lek gebeten en in Nieuw-Zeeland schijnen ook veel muggen te zitten. 's Avonds gaat het flink stormen dus hopelijk wordt het weer wat koeler de komende dagen.
Donderdag gaan we weer met z'n vieren op stap en dit keer gaan we richting Bondi Beach. Dit strand is het dichtst bij het stadscentrum en is een van de meest beroemde stranden in de wereld. Helaas is het bewolkt en is het normaal bomvolle strand nagenoeg leeg.

We lunchen aan de boulevard en rijden verder richting The Gap, een grote rotsformatie met daaronder de zee. Erg indrukwekkend. 's Avonds gaan Dennis en Sylvia naar een musical waar ze al een jaar kaartjes voor hadden. Leny en ik gaan gezellig samen naar de pizzeria in de buurt en eten een heerlijke pepperoni pizza.
We hadden gepland om de volgende dag met de ferry naar Manly te gaan, maar het is bewolkt. We besluiten om het een dagje op te schuiven en Sylvia vraagt of ik misschien in plaats daarvan naar een koala en kangoeroe park wil. Ja natuurlijk wil ik dat! In het park hebben ze allerlei dieren die alleen in Australië voorkomen. We gaan eerst naar de kangoeroes en je kunt ze gewoon aaien en van dichtbij bekijken. Wat een fantastische dieren!

Sommigen hebben een baby in hun buidel. Als een van de baby kangoeroes zijn hoofd uit de buidel steekt maak ik snel een foto.

Dan gaan we door naar de koala's. De meesten zitten onbeweeglijk op hun stekje in de boom. Koala's slapen 18 uur per dag. Alleen 's nachts zijn ze een paar uur wakker. Ze eten alleen eucalyptus bladeren en drinken niets. We hebben geluk, want om 14:00 worden de koala's gevoerd. We mogen foto's maken met de grootste koala uit het park die uit Tasmanie komt.


Zaterdag is mijn laatste dag in Sydney. We gaan het centrum in en lopen door de wijk de Rocks naar Circular Quay vanwaar alle ferry's vertrekken. We kopen kaartjes voor de ferry naar Manly en kijken wat rond. Er zitten diverse Aboriginals op een didgeridoo te spelen, maar de meesten hebben gewoon een cd-speler aanstaan.

Vanaf de ferry hebben we fantastisch uitzicht op het Opera House en de Harbour Bridge.

Na een half uur varen komen we aan bij Manly waar we naar het strand lopen en lekker gaan lunchen vlak aan het water. 's Middags nemen we de ferry terug en doen een drankje bij de Opera Bar.

Eenmaal thuis de laatste lekkere maaltijd van Sylvia en we kijken foto's van de eerste maanden van mijn reis. Heb al zoveel gedaan in een paar maanden...
Zondag vroeg op, tas in de auto en op naar het vliegveld. Sylvia, Dennis en Leny staan erop om allemaal mee te gaan. We nemen afscheid bij de drop-off. Het was super om mijn familie beter te leren kennen en ik laat ze beloven snel naar Nederland te komen.
Ik kan de rijen voorbij lopen, want heb mijn boarding pass al uitgeprint en ga richting de douane. Meteen na de douane word ik aangesproken een beveiligingsbeambte en moet ik meewerken aan een explosievencontrole. Mijn handen, kleren en tas worden op explosieven gecontroleerd met een vreemd apparaat. Ik slaag gelukkig met vlag en wimpel en mag verder. Ik ga naar de tax office om de belasting die ik voor mijn camera betaald heb terug te vragen en koop van het geld een extra accu. Door naar de gate en sinds de vorige vlucht heb ik ontdekt dat ik als ‘world traveller' een aantal extra voorrechten heb zoals te boarden met business class mensen. Ik kan dus meteen doorlopen het vliegtuig in en exact op tijd stijgen we op richting Nieuw-Zeeland. In Nieuw-Zeeland ga ik ruim een maand rondreizen over zowel het noorder- als zuidereiland. Meer nieuws volgt dus uit het land van de kiwi's!

Ps 1. Wat betreft de titel. Wisten jullie dat er in Australië maar 22 miljoen mensen wonen! Dat zijn er maar 6 miljoen meer dan in Nederland en het heeft een oppervlakte van 7.742220 km2. Uiteraard is niet heel Australië bewoonbaar, maar dan nog!

Ps 2: Voor de liefhebbers een lijstje met Aussie slang...vooral sommige vertalingen zijn hilarisch.

Barbie = barbecue
Bugger off = depart with haste
Crack the shits = to express utmost irritation
Fair dinkum = honest, genuine
G'day = Hello
Hard yakka = hard work
Taking the piss = humurous deception
Mate = generic informal address
Mozzie = Mosquito
No worrie, no wukkin furries = everything's under control
Piss = Beer
See ya = Goodbye
True blue = Authentically Australian

Een rustpauze in Koh Chang

Ik weet het…. ik heb bijna 3 weken mijn blog verwaarloosd. Simpelweg gewoon even geen zin gehad om te schrijven. Ik ga proberen om in een sneltreinvaart een update te geven, maar er zullen wel wat gaten in mijn herinneringen zitten.

Het vorige verhaal eindigde in Cambodja, waar wij een busticket naar Koh Chang in Thailand geboekt hadden. We werden ’s ochtends 1,5 uur te laat opgepikt bij het guesthouse en bereidden ons voor op een dramatische reis. Uiteindelijk viel het allemaal wel mee. In een grote bus gingen we richting de grens met Thailand. Iedereen moest met bagage de bus uit en in meterslange rijen voor de grens gaan staan. Na het afronden van alle formaliteiten werden we door een minibusje verder naar Koh Chang gebracht. De chauffeur dacht dat hij de formule 1 reed en binnen een mum van tijd waren we bij de pier. Vervolgens met de ferry in een uurtje naar Koh Chang en daar een tuktuk genomen naar een van de vele stranden die het eiland rijk is. We komen terecht bij Tiger Huts en er is nog een simpele bungalow pal op het strand beschikbaar. We zijn doodop en gaan snel wat eten. In de bar zit het vol met luidruchtige Russische jongens en meisjes. En als we terugkomen in de bungalow zien we een kakkerlak wegrennen in de badkamer. De volgende ochtend dus maar op zoek naar een andere slaapplek en binnen 5 minuten vinden we KP Huts. De bungalows staan iets verder van het strand, maar zijn brandschoon en het hele complex ziet er prima uit. Het lijkt een beetje op een grote camping. Geen van de bungalows heeft namelijk eigen sanitair dus iedereen maakt gebruik van een groot toiletgebouw in het midden van het complex. Verder zijn er diverse schommelbanken, is er wifi en het restaurant verkoopt goedkoop en lekker eten. Helemaal goed!

We blijven er uiteindelijk 7 nachten en ik kom er helemaal tot rust. Wat we allemaal gedaan hebben? Om heel eerlijk te zijn extreem weinig. Slapen (heel veel), eten (ook heel veel), zwemmen, lezen, films kijken, beachballen en vooral gewoon een beetje bijkomen.

Alle indrukken van de laatste 3 maanden een plekje geven om daarna weer met frisse moed door te reizen. Dave boekt op het internet een vliegticket naar Melbourne. Zijn bankrekening is de afgelopen maanden flink geslonken en hij wil een paar maanden in Australië gaan werken om daarna weer een poosje te reizen of naar huis te komen met een beetje spaargeld. In de buurt van Melbourne zijn veel fruitpicking farms waar ze mensen zoeken en bovendien vliegt Jetstar er goedkoop heen, dus 1+1=2.

We hebben de hele week een scooter gehuurd. De stranden op Koh Chang liggen een behoorlijk eindje uit elkaar en elke avond zijn we naar een ander strand gecrost om te eten of gewoon even rond te lopen. Met Oud en Nieuw zijn we de menigte gevolgd naar een (mini) fullmoon party in White Sand Beach. Leuke liveband en spectaculaire vuurshows. Het enige dat echt heel wazig was is dat de Thai niet aftellen om middernacht. We stonden met een groep andere toeristen op de dansvloer en iedereen keek op zijn horloge en verwachtte dat de band zou stoppen om te gaan aftellen. Maar er gebeurde helemaal niets. De band bleef gewoon doorspelen en er werd helemaal geen aandacht aan besteed. Dus alle toeristen wensten elkaar maar een gelukkig Nieuwjaar en iedereen feestte vervolgens gewoon weer door.

Aangezien we van mening waren dat we toch iets van de omgeving moesten zien zijn we op Nieuwjaarsdag rond het eiland gereden met de scooter. We hadden ons ietwat vergist in de afstand en een paar uur later kwamen we met een houten kont terug bij het guesthouse. Maar, we hebben wel het hele eiland gezien!

Koh Chang is allesbehalve vlak. Sommige stukken zijn behoorlijk stijl en een aantal auto’s hebben zelfs moeite om omhoog te komen. Aangezien we nu toch weer toeristisch bezig waren besloten we ook maar een snorkeltour te boeken voor 3 januari. Na het vergelijken van een aantal travel agencies blijkt dat ze allemaal hetzelfde aanbieden. Voor €10,- een boottour naar 5 eilanden om te snorkelen inclusief eten en drinken. We worden ’s ochtends opgepikt en netjes naar de boot gebracht. Er zit een verschrikkelijk irritante Amerikaan bij ons in het busje (af en toe kom je zulke verschrikkelijke mensen tegen tijdens het reizen…help!) die de wereldproblematiek in zijn eentje kan oplossen, dus we kijken eerst even waar hij gaat zitten op de boot en kiezen vervolgens de andere kant. Het is een prima trip. We zien heel veel verschillende vissen en koralen. Helaas geen spectaculaire dingen zoals schildpadden of haaien, maar dat hadden we ook niet verwacht. (We doen tijdens het reizen aan verwachtingmanagement: als je lage verwachtingen hebt zijn deze gemakkelijk te overtreffen

Laughing
.)

Dinsdag gaan we met de bus terug naar Bangkok. Alles duurt weer eindeloos en we zijn pas rond zonsondergang in Bangkok. We checken in bij hetzelfde hostel als een paar weken geleden en begeven ons snel weer onder de menigte in Khao San Road. De volgende dag shoppen we nog voor wat souvenirs en sturen allebei een pakketje met kleding en boeken naar huis. ’s Avonds genieten we weer van één van de live bands onder het genot van een drankje in de straat achter Khao San Road. Donderdag is de laatste dag met Dave samen. Na ruim 2,5 maand samen reizen moeten we vandaag toch echt afscheid nemen. De band die je opbouwt is bijna niet te beschrijven en iedereen die me een beetje kent begrijpt dat ik wel een traantje heb weggepinkt bij het afscheid.

De volgende ochtend ben ik voor het eerst weer alleen met mijn gedachten en dat is even wennen. Maar gelukkig heb ik voordat ik vanavond op het vliegtuig stap naar Sydney iets heel leuks op het programma. Mijn oom en tante uit Nederland komen vandaag aan in Bangkok om aan een 3-weekse vakantie te beginnen en we hebben 3 uurtjes samen voordat ik zelf naar het vliegveld moet. Vlak voor ze arriveren krijg ik echter een belletje van British Airways dat vanwege de weersomstandigheden in Londen (waar mijn vliegtuig vandaan komt) ik 4 uur vertraging heb. Dat vind ik natuurlijk helemaal niet erg, want nu heb ik meer tijd om met mijn oom en tante door te brengen. Ik check nog even het internet en dan komen ze al aanlopen. Het is zo gek om ineens 2 mensen van thuis te zien! Ron neemt een lekker Thais Chang biertje en Rita verteld over thuis. Ze heeft ook spulletjes bij zich van mijn moeder en een kadootje van Mirjam. Ron en Rita kennen Bangkok op hun duimpje, want ze zijn hier al talloze keren geweest. Ik zet mijn tas in hun kamer en ze nemen me na een stevig ontbijt mee naar een plek aan het water waar ze vaak komen. We kletsen over van alles en nog wat en we eten hete spiesjes die Ron voor ons haalt. Daarna gaan we met de boot naar Wat Pho, waar we o.a. de liggende boeddha bekijken.

Hierna nemen ze me mee naar een Thais opleidingsinstituut voor massage en trakteren ze me op een Thaise massage. Ron en Rita hebben allebei een flinke jetleg en hebben moeite hun ogen open te houden tijdens de massage. We zijn zo druk bezig geweest dat we geen erg in de tijd hebben gehad. We lopen met grote passen terug naar het guesthouse om mijn tas op te halen. Ik heb een busticket voor de Airport Express van 17:15 en als we daar hijgend om 17:16 aankomen rijdt de bus voor mijn neus weg. De allereerste keer dat een bus in Azië op tijd vertrekt is precies nu! Ik vraag snel mijn geld terug bij het kantoortje en na een korte discussie krijg ik het ook daadwerkelijk. Dan maar op zoek naar een taxi. Ron spurt van taxi naar taxi om af te dingen en binnen een mum van tijd kan ik instappen. Snel mijn tas in de achterbak en hopsakee rijden maar. Ron gilt nog naar de chauffeur dat hij mij veilig naar het vliegveld moet brengen anders zwaait er wat!

We komen bijna direct in een enorme file terecht en we rijden zowat stapvoets tot aan het vliegveld. Ik krijg weer even flashbacks naar mijn taxiritje in Moskou waar ik bijna de Transmongolie Express voor mijn neus zag wegrijden. We komen 50 minuten voor mijn vlucht vertrekt pas bij het vliegveld aan. Maar daar blijkt dat de vlucht nog een extra uur vertraagt is, dus ik kan alsnog op mijn gemak richting de gate gaan. Ik vlieg met British Airways en de service is weer prima. Na een goede maaltijd en een paar afleveringen van Grey’s Anatomy slaap ik nog een paar uurtjes. Ik heb zin in de komende week, want ik logeer bij familie in Sydney die ik al een poos niet gezien heb. De volgende update volgt dus vanuit the land down under en ik beloof om het dit keer beter bij te houden. Hoop dat jullie thuis nog niet veranderd zijn in sneeuwpoppen met al die kou. En hoe zit het eigenlijk met de Elfstedenkoorts? Oogjes dicht en snaveltjes toe. Tot de volgende blog!

Cambodja: een prachtig land met een gruwelijke geschiedenis

De 1e dag van de trip van Ho Chi Minh naar Phnom Penh is redelijk vermoeiend. Ik heb nog nooit een trip in Azië meegemaakt die zo strak georganiseerd is. We missen bijna de bus omdat hij precies op tijd vertrekt en wij inmiddels gewend zijn dat je altijd wel een half uur extra tijd hebt. We moeten eerst een paar uur in de bus om vervolgens in een bootje de floating markets in de Mekong Delta te bekijken. We worden langs een aantal plaatsen gesleept waar we zien hoe allerlei lokale producten gemaakt worden zoals honing en slangenalcohol. Uiteraard zijn deze producten ook allemaal voor een zacht prijsje te koop J. We zijn het niet gewend de hele dag met een groep achter een gids aan te hobbelen en proberen er maar het beste van te maken. Gelukkig hebben we een leuke groep. 's Middags weer de bus in (dacht dat dit een boottrip was...) en tegen de avond komen we aan in Chau Doc, waar we overnachten. We eten in een restaurant aan de Mekong en worden ondanks al onze muggenlotion helemaal lek geprikt.
De volgende ochtend gaat om 6:00 uur de telefoon in de hotelkamer en ik schrik wakker en denk dat we ons verslapen hebben. Maar nee, het is een ongevraagde wake-up call van de gids. Na een snel ontbijt gaan we in kleine roeibootjes door een mooi gedeelte van de Mekong Delta. Het is bizar om te zien hoe een hele gemeenschap leeft op het water. Het ziet er goed uit, de grond is vruchtbaar, er is veel vis en de bewoners lijken een redelijk goed leven te hebben hier. Alle kinderen springen op en neer en zwaaien als ze toeristen in een boot zien. Na een uur stappen we over op een grotere boot en zetten koers richting de Cambodjaanse grens. We krijgen formulieren van een vrouwtje op de boot en betalen $20,- voor ons Cambodjaanse visa. De grens blijkt eigenlijk een restaurant te zijn met als bijfunctie een grenspost. We stoppen hier voor een uur en uiteraard is het de bedoeling dat we hier wat eten. Met onze laatste Vietnamese Dong kopen we een baguette met Le Vache Qui Rit (wat ik overigens waarschijnlijk nooit meer eet in Nederland, want heb er veel teveel van gegeten). We gaan weer terug op de boot en na een paar minuten moeten we eraf met ons paspoort voor een stempel. We varen weer verder en het is bloedheet op het bovendek. Iedereen leest en/of geniet van de zon. We mogen niet bewegen van de bestuurder, want dat brengt de boot uit balans.

Vlak voor zonsondergang meren we aan en moeten weer een bus in. Na een uurtje komen we dan eindelijk aan in Phnom Penh. Het ziet er een stuk moderner uit dan we hadden verwacht. We spreken met een aantal andere toeristen van de boot over een uurtje af bij een pizzeria en nemen een tuktuk naar een guesthouse dat we hebben uitgezocht aan het Boeng Kak Lake. De chauffeur zegt dat hij niet weet waar het is en pleegt een paar telefoontjes. Pas als we dreigen uit te stappen herinnert hij het zich op wonderbaarlijke wijze weer en gaan we eindelijk op weg. Onderweg worden we van alle kanten belaagd door mensen die ons in hun guesthouse willen of die ons een excursie willen verkopen. We blijven net zo lang ‘no thank you' zeggen tot we bij het juiste guesthouse zijn en gelukkig ziet het er prima uit. Het kost maar $4,- per nacht dus niks te klagen.
We hebben al meteen gemerkt dat hier in Cambodja alles in dollars wordt betaald. Bij het pinnen konden we zelfs niet eens kiezen uit de lokale munt (Riel). We douchen en nemen een tuktuk naar Lakeside waar we hebben afgesproken met de anderen. We eten een heerlijke pizza en gaan door naar een bar waar we nog lang napraten over onze boottrip en tips uitwisselen over andere landen. Tijdens de avond komen er tientallen kinderen langs met boeken, rozen, armbanden etc. Sommigen zijn niet ouder dan 4 en zien er doodmoe uit. In alle reisgidsen wordt gevraagd om niets van hen te kopen omdat je op deze manier de kinderarbeid stimuleert. Het is echter hartbrekend om deze kinderen zo laat op de avond te zien werken. Een stel uit Australië geeft de kinderen toch geld, maar als we later zien dat ze het geld afgeven aan een volwassen man weten we zeker dat het geen enkele zin heeft.
De volgende ochtend flink uitslapen, want heb de laatste dagen veel te weinig slaap gehad. Na het ontbijt gaan we lopend richting de Russische Markt. Iedereen vindt het maar raar, want toeristen horen niet te lopen in de zon. Er zijn hier net als in Vietnam veel motorbikes, maar er is ook een grote hoeveelheid onwijs dure Lexussen en Landrovers.

Hieraan is direct het grote verschil tussen rijk en arm te zien. Tijdens het lopen moeten we de tuktukbestuurders van ons afslaan. 's Nachts in mijn slaap hoor ik nog steeds ‘Lady, tuktuk we go?'. Na een aantal keer verdwaald te zijn komen we eindelijk bij de markt en kopen eerst een lekker ijsje. Ook hier in Phnom Penh lijken net als in Vietnam bloemetjespyjama's de laatste trend. We kopen alvast bustickets naar Siem Reap voor zaterdagmorgen. Op de weg terug nemen we toch maar een tuktuk want de hitte is bijna niet te harden. Terug in het guesthouse geniet ik van de zonsondergang vanaf de vlonder van het guesthouse en speelt Dave zijn dagelijkse portie gitaar.

Ik eet een Griekse salade met fetakaas (jammie) en we lopen naar het Gecko Cafe dat elke donderdagavond een quiz organiseert voor het goede doel, maar helaas gaat het vanavond niet door omdat het morgen 1e kerstdag is. Ieder restaurant/café in onze straat is druk bezig zijn kerstmenu voor te bereiden. Ook ons eigen guesthouse organiseert morgen een kerstfeest dus we zijn benieuwd.
Het is 25 december, 1e kerstdag en het is minstens 35 graden in Phnom Penh. We willen vandaag naar de Killing Fields en de S-21 gevangenis. We weten dat we gruwelijke dingen gaan zien en misschien is 1e kerstdag daar niet de juiste dag voor, maar misschien ook juist wel. Een stukje geschiedenis is nodig om dit land beter te begrijpen.
Vanaf 1974 tot en met 1979 neemt de communistische groepering `Khmer Rouge` via een coupe de macht in het land over. Onder leiding van Pol Pot dwingen zij de 4 volgende jaren alle mensen volgens de extreme regels van de Khmer Rouge te leven. Alle steden worden ontruimt en iedereen wordt tewerkgesteld op het platteland om het land zo zelfvoorzienend mogelijk te maken. Weigeren of niet actief genoeg zijn heeft een gruwelijke dood tot gevolg. Intellectuelen (waaronder o.a. alle mensen die een bril dragen en alle mensen die meerdere talen spreken vallen) vormen volgens de Khmer Rouge een bedreiging en zijn vogelvrij. Ze worden gemarteld om daden te bekennen die ze niet hebben gepleegd met vaak de dood als gevolg. Praten over het verleden, verliefd zijn, onderwijs, religie, muziek maken/luisteren en alle culturele uitingen zijn verboden. De Khmer Rouge manipuleert iedereen, mensen worden tegen elkaar opgezet en het gebruik van geweld overheerst.
In deze periode vinden vele mensen een afgrijselijke dood. De zwakkeren redden het niet en sterven aan ondervoeding of ziekten. Martelingen en dood wacht een ieder die zich 'verdacht' gedraagt. Schedels inslaan om kogels te besparen en baby`s in de lucht gooien om ze als schietschijf te gebruiken zijn veelgebruikte methoden. Overal worden landmijnen geplaatst om ontsnappen te bemoeilijken, complete gezinnen worden uit elkaar gerukt en/ of afgeslacht, vrouwen verkracht etc. Er zijn hierdoor veel `Killing Fields` in het land, waarbij de naam voor zich spreekt. De Vietnamezen weten het land na 4 afschuwelijke jaren te bevrijden. De schade wordt zichtbaar: 2 miljoen mensen vermoord (een kwart van de bevolking!!!), het land in puin, mensen zijn ziek, verzwakt of gehandicapt, ouderen zijn kinderloos en vele kinderen zijn wezen. Chaos, angst, wantrouwen en verdriet overheerst. De marionetten-regering die gevormd wordt is zelfs genoodzaakt om oude leden van de Khmer Rouge weer in de regering te plaatsen omdat er te weinig intellectuelen in het land zijn. Zo is de Cambodjaanse zetel in de Verenigde Naties nog tot maar liefst 1991 in handen van de Khmer Rouge (met medeweten van de VN). Corruptie is onvermijdelijk en het land wordt niet of nauwelijks opgebouwd. Resultaat: het ploeterende Cambodja wat we vandaag de dag zien. Dit land heeft nog een gigantische weg te gaan, deze ellende is ook nog maar nauwelijks 30 jaar geleden. Alle mensen boven de 30 hebben dus persoonlijk deze gruwelijkheden meegemaakt. Mocht je erover hebben nagedacht om vrijwilligerswerk te doen in Azië ga dan alsjeblieft naar Cambodja. Ze kunnen alle hulp gebruiken die er is.
We maken een deal met een Cambodjaan om ons naar de Killing Fields en naar de S-21 gevangenis te brengen. We gaan met z'n 2-en bij hem achterop de motorbike, want dat is hier doodnormaal. Onderweg zie ik hele families samen op een motorbike. We zien ook een aantal kinderen met een Kerstmannenpakje aan. We gaan eerst naar het uitroeiingkamp van Choeung Ek. Deze is het grootste en tevens meest bekende Killing Field van het land vanwege de gelijknamige film die gemaakt is. Bij aankomst zien we een grote pagoda. Deze is gemaakt ter nagedachtenis aan alle slachtoffers van de Rode Khmer en bevat honderden schedels van slachtoffers die hier opgegraven zijn.

Iedereen is doodstil tijdens het bezoek. Op het park staan overal borden zoals: ‘massagraf met 166 slachtoffers zonder hoofd', ‘massagraf met meer dan 100 naakte slachtoffers waarvan de meerderheid vrouwen en kinderen' en ‘boom waartegen kinderen werden doodgeslagen'. Het is ongelooflijk bizar dat hier zulke gruwelijke daden hebben plaatsgevonden. De plek ziet er nu heel vredig uit. Ik besef me dat het vreemd klinkt, maar er zijn allerlei soorten vogels, vlinders, water en het geheel komt heel rustgevend over. Ik hoop dat het een troost is voor de overlevenden.
Na een uitgebreid bezoek stappen we weer achterop de motorbike en gaan we naar de S-21 gevangenis. Voor de komst van de Rode Khmer was het een door de Fransen gebouwde school. Tussen april 1975 en januari 1979 werden er meer dan 15.000 mensen opgesloten en op de wreedste manier gemarteld, voordat ze naar de Killing Fields werden gebracht. Na de bevrijding werden slechts 7 gevangenen levend teruggevonden. Niemand heeft er ooit kunnen ontsnappen. De gevangenis bestaat uit 4 gebouwen. In het 1e gebouw werden de gevangenen gemarteld. In sommige kamers staat nog een ijzeren bed met martelinstrumenten en er hangen foto's van martelingen.

In het 2e gebouw hangen oneindig veel foto's van gevangenen. De Rode Khmer hebben alles gearchiveerd en zodoende is er van iedere gevangene een foto. Het 3e gebouw bestaat uit lege minuscule cellen en het 4e gebouw bevat tentoonstellingen over de martelingen en oude en recente foto's van leden van de Rode Khmer. Ik begrijp uit de verhalen dat veel jonge mannen en vrouwen gedwongen bij de Rode Khmer zijn gegaan en hebben meegewerkt aan de verschrikkelijke daden omdat ze anders zelf vermoord zouden worden. De daadwerkelijke organisatie van de Rode Khmer bestond uit een selecte groep mensen (waarvan de meesten hebben gestudeerd aan de universiteit in Parijs) waarvan Pol Pot de leider was. Waarom bestaan er toch zulke zieke mensen op de wereld? En ik ben ontzet als ik lees dat hij nooit terechtgesteld is. Hij heeft tot zijn (natuurlijke) dood in Thailand gewoond. Er is maar één man uit de Rode Khmer organisatie die een schuldbekentenis heeft gedaan. Tevens ben ik ontzet dat andere landen niet ingegrepen hebben om de gruwelijkheden te stoppen. Maar als ik vervolgens een expositie van een fotograaf zie die door de Rode Khmer is uitgenodigd begrijp ik dat de rest van de wereld geen idee had wat er werkelijk aan de hand was. Godzijdank is de Rode Khmer na bijna 4 jaar Vietnamees grondgebied binnengevallen, want anders had Vietnam waarschijnlijk nooit zo snel een einde gemaakt aan de oorlog.
Even genoeg ellende voor nu. We gaan achterop de brommer terug naar het guesthouse en na een douche zoeken we een internetcafé waar we naar huis kunnen bellen, het is immers kerst! Daarna gaan we terug naar het guesthouse waar het kerstfeest net van start gaat. Er is gratis eten en drinken en er is zelfs een dj en een band. We begrijpen niet helemaal waarom alles gratis is, maar we hebben wel door dat er 's avonds in ons guesthouse dingen gebeuren waar wij geen weet van hebben. We zien net als gisteravond zwaar opgemaakte en schaars geklede Cambodjaanse meiden die proberen aan te pappen met blanke mannen. Ach, wij hebben er geen last van en vermaken ons met een groep andere toeristen. We spelen potjes pool en feesten tot in de late uurtjes door.
De volgende ochtend gaat de wekker om 6:30 en we hebben het zwaar. Voor de zoveelste keer proppen we onze spullen in onze tas, checken uit en stappen op de bus. Gelukkig valt de rit mee en we arriveren eerder dan verwacht. Uiteraard worden we wel weer ergens buiten het centrum gedropt en moeten we een tuktuk nemen. We vragen de bestuurders ons naar de Red Lodge te brengen, een guesthouse dat we hebben uitgezocht. Hij zegt dat hij heeft gehoord dat deze tijdelijk gesloten is. Jaja, mooi verhaal, deze trucjes kennen we nu wel. We zuchten diep en vragen of hij ons er alsjeblieft toch heen wil brengen. En wat blijkt, bij aankomst zien we een bord hangen met: gesloten wegens renovering. We schamen ons diep (denken we de trucs eindelijk door te hebben stuit je op de enige eerlijke tuktukbestuurder in Azië) en vragen hem of hij misschien een ander vergelijkbaar guesthouse weet. Hij brengt ons bij een prima guesthouse en we spreken met de bestuurder een prijs af om morgen de hele dag met ons naar Angkor Wat te gaan. We hebben nog de hele middag en gaan eerst maar eens Siem Reap verkennen. Het is veel kleiner en rustiger dan Phnom Penh. Er is een overdekte markt en een aantal straten vol met pubs en restaurants. Er zijn tevens veel massagesalons en dr. Fish (visjes die de dode huidcellen van de je voeten knabbelen) is hier helemaal hot. Ik besluit om een massage te nemen want ik heb al een aantal dagen last van kramp in mijn kuiten. Morgen hebben we een lange dag voor de boeg in Angkor Wat dus kan wel wat relaxte spieren gebruiken. Het meisje dat mij masseert stelt me veel vragen dus dat maakt het makkelijk voor mij om haar ook dingen te vragen. Ze verteld dat ze uit een provincie in het zuiden van Cambodja komt. Toen haar moeder 6 maanden zwanger was van haar werd haar vader vermoord door de Rode Khmer en een aantal maanden later viel Vietnam het land binnen. Ze zijn altijd straatarm geweest en is nooit naar school geweest. Ze heeft 2 jaar geleden besloten naar Siem Reap te komen om hier geld te verdienen. Ze verteld dat ze voor elk uur dat ze een klant masseert $0,50 ontvangt. Als er geen klanten zijn krijgt ze ook geen geld. Ik betaal $6,- voor deze massage wat betekent dat er $5,50 naar haar baas gaat. Ze werkt van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat en dan nog gaat ze soms naar huis zonder geld. Ze huurt met een vriendin een kamer een paar kilometer buiten de stad voor $45,- per maand. Ze verteld dat er alleen in Siem Reap elektriciteit en stromend water is. Het geld dat ze over houdt na het kopen van eten stuurt ze op naar haar moeder. Ze is 2 dagen per maand vrij en is nog niet teruggeweest naar haar moeder want de busreis is te duur. Het voelt verkeerd om op de massagetafel te liggen als rijke Europeaan bij het horen van deze verhalen, maar de meisjes zijn juist blij met de klandizie. Bovendien leven ze bijna van hun fooi aangezien het salaris zo laag is. Met een dubbel gevoel verlaat ik de zaak en loop per ongeluk weg op de slippers van de salon. De meisjes liggen in een deuk als ze achter me aan komen rennen dat ik de verkeerde slippers heb. Terug in het guesthouse probeer ik mensen te mailen en foto's op mijn site te zetten, maar de draadloze verbinding is slecht en ik hou het voor gezien.
Zondagochtend vroeg op want we gaan naar de tempelruïnes van Angkor, één van de zeven architectonische wereldwonderen. Angkor is de naam van de hoofdstad van het oude Khmer-rijk, dat in de 8e eeuw na Christus werd gesticht. Het rijk was enorm en strekte zich uit tot aan Zuid-Vietnam en China. In dit gebied zijn in de loop van honderden jaren zo'n 100 tempels gebouwd door de diverse heersers van het Khmer-rijk. Omdat de tempels in verschillende periodes gebouwd zijn, is hun uiterlijk telkens weer anders. Rondom de tempels lag vroeger een levendige stad met houten huizen. Helaas is van de houten huizen niets meer overeind gebleven en in de loop der eeuwen is ook Angkor in de vergetelheid geraakt en overwoekerd door de jungle. Eeuwenlang was het bestaan van deze stad een mythe. Totdat een Franse expeditie begin 1900 de, toen midden in het oerwoud gelegen, tempelruïnes ontdekte. Inmiddels zijn de meeste tempels vrijgemaakt van lianen, struiken en bomen die de tempels eerder aan het zicht onttrokken en zijn de meeste tempels prachtig gerestaureerd.

Alleen de Ta Prohm heeft men in de oude staat gelaten en die tempel vinden wij dan ook het meest bijzonder. Hier is overigens ook een scene uit Tomb Raider opgenomen.

We worden de hele dag achtervolgt door verkopers, waarvan de meeste kinderen zijn. Sommigen zijn ontzettend bijdehand en blijven minutenlang met je meelopen. Ze vragen waar je vandaan komt en noemen vervolgens de hoofdstad, inwoneraantal en premier op en zeggen dingen als ‘kijken kijken niet kopen'. We proberen gedurende de dag meerdere methodes uit om verkopers af te wimpelen en een geintje maken lijkt het beste te werken. Aangezien Dave daar als echte Engelsman erg goed in is laat ik het hem meestal maar opknappen. Doodop van al het slenteren en de hitte gaan we einde van de dag terug naar Siem Reap. We eten samen met een Engels stel van de boot bij een soort gourmetrestaurant, eindelijk toch nog een beetje kerstgevoel! We krijgen behalve kip en biefstuk ook slang en krokodil te eten. Het smaakt eigenlijk helemaal niet zo gek.
Na het eten boeken we een busticket naar Ko Chang voor morgenochtend. We waren eigenlijk van plan Nieuwjaar door te brengen op Koh Pha Ngan of Koh Tao, maar om op tijd naar deze eilanden te reizen moeten we vliegen en de ticketprijzen zijn te hoog voor ons backpackersbudget. Als alternatief hebben we besloten naar Koh Chang te gaan, een Thais eiland vlakbij de Cambodjaanse grens waarvandaan we ook weer gemakkelijk terug naar Bangkok kunnen reizen. We bereiden ons voor op een lange reisdag, want het is een lange busrit (minimaal 12 uur) en we moeten de grens oversteken en aan het einde van de rit een ferry nemen naar het eiland. We zullen het wel zien.
Cambodja was een bijzondere ervaring. Er is bedrog, drugs, kinderarbeid, sekstoerisme en armoede, maar dit zou niemand ervan moeten weerhouden dit prachtige land met zijn gruwelijke geschiedenis te bezoeken. Dit land is aan het opkrabbelen uit een diep dal en heeft nog een lange weg te gaan. Ik hoop dat de eerste verbeteringen zich snel zullen aankondigen in het onderwijs en alle kinderen de mogelijkheid krijgen om naar school te gaan.
Tot zover mijn belevenissen in Cambodja. De volgende update volgt vanaf de Thaise stranden. Ik wens iedereen alvast een gezond en gelukkig Nieuwjaar. Doe voorzichtig met vuurwerk en eet niet teveel oliebollen!

Loempia’s, stromende regen en oorlogsmisdaden in Vietnam

We voelen ons meteen op de luchthaven al thuis in Hanoi. We pinnen onze eerste Dongs en zijn weer miljonair) en nemen een minibusje naar de Old Quarter, de wijk waar de meeste toeristen verblijven. We noemen een guesthouse uit de Lonely Planet, maar uiteraard worden we toch weer bij een ander guesthouse afgezet waar de chauffeur commissie voor krijgt. We worden niet boos en gaan niet in discussie, want we hebben inmiddels geleerd dat het geen enkele zin heeft (jaja ik leer belangrijke dingen op deze trip). We pakken simpelweg onze tassen uit de achterbak en lopen richting het guesthouse dat we uitzocht hebben. Het zit helaas al vol dus we lopen wat door de straat en vinden al snel een ander prima guesthouse. Het eerste dat opvalt in Hanoi is de belachelijk grote hoeveelheid scooters, brommers en motors. Ik ben inmiddels wel wat gewend, maar Hanoi spant de kroon. Verder is het opmerkelijk dat alle Vietnamezen op straat voor hun appartement zitten te eten op hele kleine krukjes en stoeltjes. Het smalle straatje waar ons guesthouse is doet me een beetje denken aan de hutongs in Beijing. We gaan eten in een Vietnamees restaurant en bestellen uiteraard meteen Vietnamese loempia's...mmmh absoluut de beste die ik ooit gegeten heb. Daarna gaan we richting een straat met een aantal barretjes en kijken Engels voetbal samen met andere toeristen.

De volgende ochtend gaan we op pad om een trip naar Halong Bay te boeken. Het is lastiger dan gedacht, want de eerste 4 travel agencies die we binnenstappen bevallen ons niet. Als we het zat beginnen te raken vinden we er gelukkig een met een behulpzame en eerlijke medewerkster. Een half uur later en €50,- armer stappen we naar buiten, maar hebben wel een 3-daagse trip naar Halong Bay geboekt. We hebben een deluxe trip met een overnachting op een boot en een overnachting op Monkey Island in een bungalow op het strand inclusief allerlei excursies en eten. Nu maar afwachten of het werkelijk deluxe is. Er is nog meer werk aan de winkel. We gaan naar het treinstation om treintickets naar Hoi An te kopen. Het is een flinke wandeling, maar zo zien we gelijk wat van de stad. We zijn van tevoren gewaarschuwd dat iedereen hier in Vietnam iets van je wil, maar er wordt eigenlijk alleen naar ons geroepen door de tuktukbestuurders. We vragen een aantal keer om de weg naar het station en iedereen is even behulpzaam. Op het station kopen we softsleeper tickets voor woensdagavond om 19:00 uur. We lopen een rondje rond het Hoan Kiem meer in het midden van Hanoi en na het avondeten gaan we naar het waterpoppentheater. Ongelooflijk dat sommige toeristen zo'n 150 foto's maken van 45 minuten theater. Je vraagt je soms af of ze wel iets meemaken van hun eigen vakantie.

De volgende ochtend worden we om 8:00 uur opgepikt bij ons guesthouse. Ik zie dat onze smalle straat is omgetoverd tot een markt. Er zijn tafels met rauw vlees, groenten en fruit. We pikken nog wat mensen op en rijden dan in een uur of 3 naar Halong Bay. Onderweg stoppen we een keer om te plassen en dan zie ik ineens Sam en Judith, het Zwitserse koppel waarmee ik in de Transmongolië Express zat. We kletsen even bij, maar moeten al snel weer de bus in. We hebben een gezellige groep met mensen uit Australië, Nieuw-Zeeland, Duitsland en Engeland. Vanaf de pier worden we met een kleine boot naar de grote boot gebracht. We zijn onder de indruk, het is een hele mooie boot met kamers op het onderdek, restaurant op het middendek en een terras met ligstoelen op het bovendek.

We kunnen meteen aanschuiven voor lunch en ook dat valt niet tegen. Veel verse vis en uiteraard ook weer lekkere loempia's. 's Middags gaan we kanoën en daarna bezoeken we een grot. Terug op de boot is er tijd om te zwemmen en dan zetten we koers richting een plaats om te overnachten. Als we stil liggen komen er van verschillende kanten vrouwen in kleine bootjes met allerlei eten en drinken op ons af. De jongens zien hun kans schoon en kopen na een kwartier afdingen gezamenlijk een grote doos met blikjes bier. Het is 4x zo goedkoop als het bier op de boot, dus ze zijn er helemaal mee in hun sas.

Het is bijna de hele dag bewolkt geweest, maar vlak voor de zonsondergang klaart het op en bewonderen we met z'n allen vanaf het bovendek het bijzondere landschap van Halong Bay.

Na een heerlijke warme douche snel weer naar het middendek om te eten. We hebben inmiddels gemerkt dat het in Vietnam de gewoonte is om allerlei gerechten in het midden van de tafel te zetten en hier gezamenlijk van te eten. Dat maakt het eten tot een gezellig en sociale activiteit en we delen onze tafel met Matt en Jo uit Nieuw-Zeeland die van zuid naar noord Vietnam reizen en ons dus goede tips kunnen geven over Hoi An en Ho Chi Minh. Na het eten krijgen we allemaal een voetmassage en wordt er een karaokeset tevoorschijn getoverd. Het is een gezellig avond. Een ouder koppel uit Engeland blijkt na een paar biertjes flink wat humor te hebben. Ze vertellen hoe ze elkaar ontmoet hebben tijdens een wintersport terwijl ze allebei getrouwd waren en we liggen onder de tafel van het lachen (je had erbij moeten zijn...). De volgende ochtend vroeg op, want we gaan naar Cat Ba Island. We doen een trekking naar van 2 uur naar een uitkijkpunt en het doet ons even denken aan de Annapurna, want we moeten flink omhoog klimmen. Na de trekking gaan we met de boot richting Monkey Island, waar we zullen overnachten. Als we aankomen zien we dat het een strand is met een aantal bungalows, een pooltafel, volleybalnet en strandstoelen. Helemaal goed dus!

We kunnen aanschuiven voor de lunch en krijgen de sleutels van onze bungalows. Ze zijn superdeluxe en ik denk niet dat ik deze reis eerder in zo'n mooie kamer heb overnacht. Iedereen kleedt zich snel om en we installeren ons op de strandstoelen. Na een duik in de zee en een poosje gelezen te hebben val ik in slaap en als ik wakker wordt is het al laat in de middag. We kunnen nog met de gids mee om apen te gaan kijken, maar ik heb wel even genoeg dieren gezien de afgelopen tijd. 's Avonds staat er een barbecue op het programma en het eten is wederom fantastisch. De rest van de avond zitten we rond het kampvuur, drinken we coconutwine en spelen volleybal in het donker. Moe maar voldaan kruipen we ons bed in.

Woensdagochtend weer vroeg op (jaja, reizen is best zwaar) en na het ontbijt terug op de boot. We toeren de hele morgen door Halong Bay en genieten van de prachtige rotsformaties. Tegen lunchtijd arriveren we in Halong City en na een laatste lunch vertrekken we met de bus terug richting Hanoi. We moeten helaas afscheid nemen van iedereen, maar wie weet komen we elkaar weer tegen. We eten snel wat bij KFC en nemen een cyclo (tuktuk zonder motor) naar het station. We passen er maar net in met onze backpacks en tergend langzaam fietst de bestuurder naar het station. We geven de arme man een flinke fooi en lopen het station binnen.

Onze trein staat al te wachten en een man loopt met ons mee naar onze coupé. We bedanken hem vriendelijk maar dan blijkt dat hij een fooi wil voor de 20 meter gelopen te hebben naar onze coupé. Shit even vergeten dat niet iedereen zomaar behulpzaam is. Zelfs na 2,5 maand reizen trap je er soms nog in. We laten hem een poosje in zijn sop gaar koken en na ons te hebben vervloekt in het Vietnamees gaat hij toch maar op jacht naar andere toeristen. We delen onze coupé met een Duits echtpaar. De trein blijft mijn favoriete vervoermiddel. Je kunt je vrij bewegen en ik slaap altijd goed op het ritme van de trein. De volgende ochtend nog een filmpje kijken op de laptop en dan zijn we alweer in Hoi An. We hebben het grote voorrecht dat er een bungalow voor ons gereserveerd is voor 2 nachten. Mariska, Erik en Joost hebben mij op mijn afscheidsfeest een tegoedbon gegeven voor 2 overnachtingen in Vietnam. Erik en Mariska zijn zelf in oktober door Vietnam gereisd en hebben zodoende in Hoi An een mooi plekje ontdekt, gevraagd om mijn planning toen ik in Hanoi was aangekomen, en ons de reservering voor de bungalow toegestuurd. We nemen vanaf het station een minibusje met 4 andere toeristen en worden dit keer weliswaar voor ons hotel afgezet. We hebben een superdeluxe bungalow inclusief ontbijt en het complex heeft zelfs een groot zwembad. We voelen ons even backpacker af en genieten van alle luxe. We nemen de gratis shuttle bus naar het centrum en brengen onze vuile was weg. We lunchen, gaan naar de markt en kletsen met wat locals. Hoi An is een van de weinige Vietnamese steden die onaangetast door de oorlog is gekomen. De stad staat bekend om de maatkleding die er gemaakt wordt. Op elke hoek hoor je: ‘Mr you want suit?' en ‘Miss you want dress?'. Het enige dat wij kopen is een poncho, want het is inmiddels ontzettend hard gaan regenen.

Het is hier in Midden-Vietnam regenseizoen (ontdekte ik pas vanmorgen toen ik de Lonely Planet las). Tegen de avond wordt het steeds drukker in de stad en we begrijpen dat Vietnam vanavond moet voetballen voor de South East Asian Games. Alhoewel ze verliezen rijdt iedereen na afloop toch toeterend met vlaggen door de straten...erg vreemd.

De volgende ochtend is het nog steeds bewolkt maar wel droog dus huren we op aanraden van Mariska en Erik een motorbike om naar de Marble Mountains te gaan. We weg ernaartoe loopt langs de kust en is prachtig. Bovenop de berg staat een behoorlijk windje.

We besluiten om daarna door te rijden naar Danang om treintickets te kopen naar Ho Chi Minh. Het blijkt echter redelijk prijzig te zijn en we besluiten om nog even het internet af te struinen naar goedkope vliegtickets. Een goede zet, want we vinden een vlucht voor €25,-. Het enige nadeel is dat we om middernacht vliegen, maar dat overleven we wel. 's Avonds komen we een stel tegen waarmee we naar Monkey Island zijn geweest en eten bij een Indiaas restaurant.

Zaterdag genieten we voor de 2e keer van het luxe ontbijt terwijl we kijken naar de stromende regen. Alle straten liggen vol met water en de rivier in het dorp treedt buiten zijn oevers. We blijven in het hotel, computeren een paar uur en Dave speelt pool met het personeel van het hotel. 's Avonds nemen we onze backpacks mee het centrum in en eten bij een soort marktje met overdekte eetstalletjes. We vragen een local of hij iemand kent die ons voor weinig geld naar het vliegveld wil brengen en na diverse voorstellen afgeslagen te hebben om achterop de motor te gaan heeft hij toch iemand gevonden met een auto. We vliegen in een uurtje naar Ho Chi Minh (door veel mensen nog steeds Saigon genoemd) en nemen met 2 Canadese meiden een taxi naar de backpackerswijk. Het klimaat is hier een stuk tropischer dan in Hoi An. Het is lastig om om 2:00 uur 's nachts een goedkoop hotel te vinden, maar zoals altijd vinden we toch iets wat ermee door kan. De volgende ochtend checken we uit en zoeken een goedkoper en schoner hotel. We gaan naar een travel agency en boeken voor morgen een excursie naar de Vietcong Tunnels in Chu Chi. Dan gaan we lopend naar het War Remnants museum. De straten hier in Ho Chi Minh zijn veel breder dan in Hanoi en het is gemakkelijker om je te oriënteren. Er zijn wel minstens zoveel motorbikes als in Hanoi. Buiten zien we meteen al grote Amerikaanse tanks, helikopters en bommen.

Eenmaal binnen worden we meteen geconfronteerd met de meest afgrijselijke foto's en verhalen. Het is duidelijk dat de Vietnamezen in dit museum geen moeite hebben gedaan om de reputatie van de Amerikanen hoog te houden. Alle toeristen in het museum zijn doodstil en schuifelen van wand naar wand. Halverwege krijg ik gewoon buikpijn van alle afgrijselijke foto's en de aantallen doden die er zijn gevallen. Bij het gedeelte over My Lai, het dorp dat volledig werd afgeslacht omdat Amerikaanse troepen vermoedden dat dit door de Vietcong als thuisbasis werd gebruikt, doet me denken aan de geschiedenislessen op het Walburg College waar we dit uitgebreid besproken hebben. Aan het einde van het museum is er een wand met alle landen die Vietnam gesteund hebben en gelukkig zie ik er diverse Nederlandse artikelen hangen.

Bij het verlaten van het museum halen we diep adem en bespreken maar weer eens hoe goed wij het hebben in Europa. We lopen langs de Notre-Damekathedraal (overblijfsel uit de Franse periode) en het oude postkantoor naar een groot winkelcentrum. Op de 3e verdieping stuitten we op een bowlingcentrum dus besluiten om maar een paar potjes te bowlen.

Als we buiten komen is het inmiddels al donker en lopen we over de Ben Thanhmarkt terug naar het hotel. Na het eten koopt Dave na veel afdingen een gitaar en is dolblij. Hij heeft al een paar maanden niet gespeeld en pingelt door tot middernacht. Ik blèr gewoon gezellig mee met de liedjes (jullie kennen mijn prachtige stem...ahum).

Maandag vroeg op en de bus in naar de Chu Chi tunnels. We stoppen onderweg bij een werkplaats waar Vietnamese slachtoffers van Agent Orange werken. Agent Orange was de codenaam voor een mix van chemicaliën dat in de Vietnamoorlog veelvuldig werd ingezet. Door het gebruik van Agent Orange zijn er duizenden kinderen met een open rug en andere misvormingen geboren. Ook heeft het verschillende soorten kanker en storingen in het zenuwstelsel veroorzaakt bij diverse generaties. We rijden verder naar de tunnels en krijgen eerst een film te zien over het leven in de tunnels. We kijken met enige verbazing, want de film doet overkomen alsof er alleen onschuldige (in de film constant glimlachende) burgers in de tunnels leefden en geen Vietcong soldaten. En vervolgens kregen deze burgers voor het doden van Amerikaanse soldaten de status van ‘American killer hero'. Het komt allemaal erg subjectief over. Na de film lopen we door het bos en krijgen allerlei wapens en booby traps te zien die de Vietnamezen gemaakt hebben. Dan mogen we proberen ons in diverse gaten in de grond te laten zakken.

Vervolgens mogen we door een gedeelte van de ondergrondse tunnels kruipen. Het is heel donker en benauwend (en deze tunnel is zelfs groter gemaakt voor toeristen) en het is ongelooflijk dat sommige mensen hier bijna 20 jaar in geleefd hebben. Eenmaal terug in Ho Chi Minh de rest van de dag een beetje relaxen, want morgenochtend vroeg vertrekken we op een 2-daagse boottrip over de Mekong naar Phnomh Penh. Ik ben benieuwd wat we gaan beleven in Cambodja.

De laatste berichten van het thuisfront gaan voornamelijk over het koude weer en de sneeuw in Nederland. Het zou mooi zijn als jullie dit jaar kunnen genieten van een witte kerst. Ik zal voor jullie duimen. En als er op de Waal geschaatst kan worden, doe dan ook een rondje voor mij!

Lovely Laos

Laos is het meest relaxte land wat we tot nu toe hebben bezocht. Geen agressieve verkopers, met smog gevulde steden of razend verkeer, heerlijk! Op zondag 6 december nemen we een tuktuk naar de Friendship Bridge tussen Thailand en Laos en na wat formaliteiten zijn we de grens over. We pinnen onze eerste Kip (de munteenheid van Laos) en zijn direct miljonair. 1 miljoen Kip is ongeveer 82 Euro. We besluiten om niet in Vientiane te blijven, maar meteen de bus te nemen naar Vang Vieng. We hebben al veel verhalen gehoord over Vang Vieng, sommige positief en andere negatief. Vang Vieng is voornamelijk bekend om het tuben. Tuben is met een tube (soort opblaasband) de rivier afvaren. Om de paar meter zijn er bars waar je behalve veel kunt drinken ook van hoge touwen en kabelbanen af kunt slingeren. Sommige reizigers vonden het helemaal niks en anderen zijn er 6 maanden (!) gebleven. We zijn dus erg benieuwd...

We zijn de enige toeristen in de bus en vragen ons af of we wel echt naar Vang Vieng gaan. Als we 's middags aankomen schijnt het zonnetje en we zien geen mens op straat. We hadden veel drukte en dronken toeristen verwacht, maar het enige dat we zien is een rustig dorp met guesthouses aan allebei de kanten van de rivier omgeven door prachtige bergen en natuur. We lopen een poosje rond om een leuk guesthouse te vinden. We besluiten om de rivier over te steken en dit blijkt een goede beslissing, want aan deze kant zijn er allemaal kleine houten huisjes waar je kunt slapen met uitzicht op de rivier. Ons huisje heeft een warme douche en wc en kost maar 2,- p.p. Niks te klagen dus.

We gaan de omgeving verkennen en zien vanaf de oever een prachtige zonsondergang. We zien een aantal mensen terugkomen van tuben en kanoën. We kopen een kaart van de omgeving, want er schijnen ook vele mooie grotten te zijn. We lopen door het centrum en zien dat de meeste restaurants lekker kan liggen en minimaal 2 tv's hebben waarop onafgebroken Friends afleveringen worden gedraaid. We hadden hier al over gehoord, maar het blijft een vreemde ervaring.

De volgende ochtend ontbijten we met onwijs grote baguettes. Van 1893 tot 1955 behoorde Laos tot de Franse kolonie. De Fransen zijn inmiddels weg, maar de baguettes gelukkig gebleven. We besluiten om vandaag meteen maar te gaan tuben. We huren een tube en worden met een groep andere toeristen door een tuktuk 6 km verderop afgezet. We drijven een klein stukje de rivier af en worden dan naar binnen gehengeld bij een bar waar je met een soort kabelbaan het water in kunt springen. Dat moet ik even proberen natuurlijk. Je klimt op een platform waar je een soort trapeze vastpakt en springt ervan af. Op het hoogste punt laat je los en knalt het water tegemoet.

Behalve dat je elke keer zowat je bikini kwijt bent is het ongevaarlijk (als je tenminste normaal spring en geen salto's probeert), want de rivier is hier onwijs diep. We hebben al aardig wat verhalen gehoord over dronken toeristen die in ondiep water zijn gedoken etc. Gezien de fratsen die we sommige toeristen zien uithalen kunnen we dat ons goed voorstellen. Na een paar uur drijven we weer wat verder en gaan naar een andere bar met een andere jump. Alle bareigenaren gooien een soort reddingsboei naar je uit en willen je zo binnenhengelen bij hun bar. Rond een uur of 16:00 duikt de zon al een beetje achter de bergen en tuben we de rivier af richting Vang Vieng. Het is zeker nog 1,5 uur peddelen dus we zijn blij dat we op tijd zijn weggegaan. Het koelt hier 's avonds redelijk snel af en er zijn veel muggen. Laos is een malariagebied, dus ik ben begonnen met het slikken van Malarone. Als we 's avonds gaan eten vraagt de ober bij onze bestelling of we ook het ‘special menu' willen. Naïef als we zijn lijkt ons dat wel wat dus zeggen we ja. Dan blijkt het een menu te zijn met allerlei happy food. Met happy food bedoelen ze hier alles waar marihuana of opium in zit. Je kunt happy shakes, happy pancakes, happy pizza's en nog veel meer bestellen. We bedanken hartelijk. We kijken de ene Friends aflevering na de andere. Het is best slim van de eigenaren om de series te draaien, want iedereen blijft uren hangen. We hebben met een paar andere reizigers afgesproken bij de Smile Bar aan de rivier. Het is een soort buitenbar met een dansvloer, hangmatten en een vuur. Er wordt leuke muziek gedraaid, maar als we net in stemming komen gaat om 23:30 de muziek uit. We horen dat er gisteren een groepje toeristen opgepakt voor het roken van marihuana. Ze kregen na een paar uur in de cel de mogelijkheid om 6 milijoen kip te betalen en vrijgelaten te worden. De politie is zo corrupt als wat hier, want ze worden door de restauranteigenaren betaald om een oogje dicht te knijpen wat betreft het happy menu, maar pakken wel rijke toeristen op die een joint roken om ze vervolgens te laten betalen.

De volgende dag hebben we afgesproken om naar de Poukham Cave en Lagoon te gaan. Na de dagelijkse baguettes als ontbijt huren we een fiets en gaan op pad met onze kaart. Het is een behoorlijk eindje fietsen over zanderige wegen. Het is hier onwijs gevaarlijk om een brommer te huren en we zien dan ook iemand flink onderuit gaan. De zon schijnt en het is bloedheet. Eenmaal aangekomen bekijken we de grot en gaan dan lekker zwemmen in de lagoon. Het water is helder en ijskoud en het is er heel diep. Er staat een grote boom bij het water en hieraan hebben ze diverse touwen gemaakt waarmee je het water in kunt slingeren. Tevens is er een soort ladder waarmee je in de boom kunt klimmen om ervan af te duiken of springen. Dave heeft een beter idee en klimt nog hoger in de boom om er vervolgens vanaf te springen en iedereen de stuipen op het lijf te jagen. We zijn al veel Israëliërs tegen gekomen tijdens onze reis en ik begrijp na een middag met hen waarom. Zowel jongens als meisjes moeten op hun 18e voor een aantal jaar verplicht het leger in. Pas na hun dienstplicht kunnen ze beginnen met studeren. Veel van hen willen echter eerst even bijkomen en gaan na hun dienstplicht een jaar reizen.

Als de zon achter de bergen is pakken we onze spullen en fietsen terug richting ons guesthouse. Het lijkt hier in Laos af en toe wel een grote kinderboerderij. Overal lopen koeien, kippen, geiten en honden. Zelfs op de fiets moet je je best doen om ze allemaal te ontwijken.

Na het eten gaan we weer naar de Smile Bar, maar ook vandaag gaat de muziek uit om 23:30. Bij alle bars werken overigens toeristen die hier langer dan gedacht zijn blijven hangen. Sommigen zijn zelfs al langer dan een jaar in Vang Vieng. Het is hier echt super, maar om nou zo lang te blijven...

Woensdag is onze laatste dag in Vang Vieng. We slapen uit en hebben niet zo'n zin in de drukte van het tuben dus huren weer een fiets en gaan richting de lagoon. We genieten de hele dag van de zon en het water. Het lijkt wel of je hier in Vang Vieng na een aantal dagen iedereen kent. De sfeer is top en er is altijd wel iemand om mee te kletsen. Dave daagt me uit om ook van de hoge tak in de boom te springen en uiteindelijk ga ik toch maar overstag. (Filmpje is te vinden onder het kopje ‘video's'.) 's Avonds eten we en kijken we een stuk of 6 afleveringen van Family Guy, een cartoon voor volwassenen waar Dave helemaal gek van is, maar volgens mij nog nooit op tv is geweest in Nederland.

Donderdagochtend nemen we de tuktuk naar het busstation. We kopen een kaartje voor de Express bus naar Luang Prabang en bereiden ons voor op een busrit van een uur of 7. Al snel blijkt dat er teveel kaartjes verkocht zijn en mensen moeten op een krukje in het gangpad zitten. Vervolgens stoppen we bij bijna ieder klein dorp om locals binnen te laten. Ze gaan allemaal op de grond in het gangpad zitten en krijgen een zakje van de buschauffeur. Al snel blijkt waar het zakje voor was....ze beginnen bijna allemaal over te geven. We rijden inderdaad over flinke slingerwegen, maar dit moet ook te maken hebben met het soort voedsel dat ze eten. Ik heb gelukkig mijn laptop bij me en we kijken films die ik in Hong Kong gedownload heb. Zo hoeven we in ieder geval niet naar de onsmakelijke geluiden naast ons te luisteren.

Net voor het donker zijn we er en nemen samen met een paar anderen een tuktuk naar het centrum. Het is lastig een betaalbaar hostel te vinden dat kamers vrij heeft. Het is hier in Luang Prabang een stuk duurder en de meeste goedkope kamers zitten al vol. Toch vinden we ook dit keer weer een guesthouse dat ermee door kan. We dumpen de tassen in de kamer en gaan op zoek naar eten, want we sterven van de honger. We zien al snel dat veel restaurants een soort combinatie van fondue en gourmet aanbieden, een specialiteit hier, dus de bestelling is snel gemaakt. Het smaakt super en ik moet toch even denken aan de kerstdagen in Nederland die er nu toch wel aan zitten te komen. We merken hier in Laos weinig van de kerstsfeer, heel af en toe wat kerstversiering maar dat is alles. Na het eten gaan we naar een reisbureau om een ticket naar Vietnam te boeken. We wilden eigenlijk met de bus gaan (een rit van zo'n 30 uur), maar we hebben ondertussen teveel horrorverhalen van andere toeristen gehoord die een vreselijke rit hebben gehad dus hebben toch maar besloten wat meer te betalen en te gaan vliegen. We boeken een vlucht voor zaterdagmiddag met Lao Airlines naar Hanoi.

De volgende dag kopen we op straat baguettes met Le vache qui rit...mmmh.

We gaan vandaag de stad bekijken. Luang Prabang staat sinds 1995 in zijn geheel op de Unesco erfgoedlijst. Er zijn geen moderne gebouwen en geen hoogbouw. Aan de ene kant van de stad stroomt de Mekong en aan de andere kant de Nam Khane. Er zijn veel tempels en overal lopen monniken op straat. Ze dragen felle oranje kleden met simpele slippers eronder. Vaak dragen ze een paraplu om zich tegen het zonlicht te beschermen. Ze zijn hier echt onderdeel van het stadsbeeld. We beklimmen de berg Phousi, middenin de stad, en hebben zo uitzicht over de hele stad. We lunchen in een café met wifi, maar alle internetverbindingen zijn hier frustrerend traag dus besluiten maar een potje pool te spelen. 's Middags gaan we naar het Laotiaanse Rode Kruis en nemen een traditionele Laotiaanse massage gevolgd door 4 sessies van 10 minuten in een hele hete sauna. In de sauna zitten toevallig 2 andere Nederlandse meiden die allebei alleen op reis zijn. Heb al bijna 2 weken geen Nederlands gesproken en het is lekker om even in je eigen taal te kletsen. 's Avonds gaan we naar de avondmarkt. Op deze markt verkopen vrouwen van de Hmong stam allerlei zelfgemaakte spullen zoals sjaals, tassen, pantoffels, dekens etc. Het is erg mooi en de kwaliteit is goed. We eten bij een Indiaas restaurant (ik ben inmiddels verslaafd geraakt aan chicken tikki massala met naanbrood) en kletsen de rest van de avond met 3 Engelse vrienden die een jaar aan het reizen zijn.

Zaterdag de tassen inpakken en uitchecken bij het hostel. We hebben nog een paar uur voordat ons vliegtuig vertrekt dus we gaan naar een Belgische bar die we gisteren gezien hebben. Na het kijken van ‘Apocalypse now' (ter voorbereiding voor Vietnam), een heleboel potjes jeu de boules en een groot bord Vlaamse frieten met mayonaise nemen we een tuktuk naar het vliegveld. Het vliegveld is piepklein, maar alles is er prima geregeld. Voor we het weten zitten we in een piepklein vliegtuigje en stijgen op richting Hanoi.

De zonsondergang is prachtig vanuit de lucht. Laos is zeker voor herhaling vatbaar en komt op mijn lijstje om eens naar terug te keren. Maar nu eerst Vietnam onveilig maken!

Een flitsbezoek aan Hong Kong en Bangkok

Even terug naar de laatste 2 dagen in Nepal. De steaks smaakten heerlijk en samen met de andere trekkers hebben we flink geproost op onze inspanningen in de Annapurna. De busrit van Pokhara naar Kathmandu de volgende dag viel weliswaar mee. We hadden een snelle chauffeur en het enige echte obstakel was een omgevallen boom op de weg. Maandagochtend afscheid genomen van Dave die met Nepal Airways (in het bezit van maar liefst 1 vliegtuig dus fingers crossed) naar Bangkok vertrok. Zelf een taxi genomen naar een internationale kliniek, want de keelontsteking en hoest zijn weer teruggekomen toen de antibiotica op was. Van de dokter een andere, sterkere antibiotica gekregen en naar een lange uitleg geluisterd over dat je keelamandelen de bewakers van je keel zijn. Aangezien ze bij mij een paar maanden geleden weggehaald zijn kan ik volgens hem moeilijk antistoffen aanmaken of iets dergelijks. Hopelijk geeft deze kuur in combinatie met wat meer rust een beter effect.

Zondagavond met de taxi naar het vliegveld. Kan de taxi toevallig delen met een Engelse jongen die in Nepal vrijwilligerswerk heeft gedaan. Het vliegveld is enorm chaotisch. Bovendien sta ik niet op de passagierslijst en komen er wel 6 mensen aan te pas voordat ze mijn gegevens kunnen vinden in de computer. Vervolgens word ik ongeveer 6x gefouilleerd. Vreemd is wel dat ik na al deze controles nog steeds mijn fles water heb terwijl er toch overal staat dat water en vloeistoffen verboden zijn. Ik vlieg met Dragonair, een partner van Cathay Pacific. Het is een supermodern vliegtuig en we krijgen zelfs 2x te eten. Slapen komt er niet echt van want we maken ook nog een tussenstop in Dhaka (Bangladesh) waar er mensen in en uit het vliegtuig gaan. Ik kom om 7:00 uur 's ochtends aan in Hong Kong en het is duidelijk dat dit even andere koek is dan Nepal. Alles gaat snel, is gestructureerd en duidelijk. Mijn backpack ligt al op de bagageband en buiten staat de juiste bus al te wachten. Ik heb een duidelijke routebeschrijving van het hostel en na een uur ben ik bij de juiste halte en loop zo het hostel in. Het is op de 8e verdieping van een groot gebouw. Het ziet er gezellig uit en ik heb een leuk kamertje met eigen douche, toilet en tv. En niet te vergeten een gigasnelle internetverbinding. In Nepal was het internet traag en was er nauwelijks wifi dus ik zet meteen een paar albums en films klaar om te downloaden. Ik neem een douche en ga de stad verkennen. Het hostel ligt in een zijstraat van Nathan Road op Kowloon. De meeste hostels bevinden zich in deze wijk en het is een hele lange drukke straat met o.a. Mc Donalds, KFC, Pizza Hut, Starbucks... noem het maar op. Ik loop Nathan Road af en word niet één keer lastig gevallen! Echt heerlijk om anoniem door een stad te lopen en door niemand aangeklampt te worden die je in een taxi wil stoppen, je in een restaurant wil binnensleuren of iets wil verkopen. Ik kom uit bij de Fish Market. Hier worden honderden visjes verkocht die al klaar hangen in plastic zakjes.

Bijna alle inwoners (ruim 7 miljoen) wonen in appartementen en vissen zijn dus erg geliefd als huisdier. Iets verderop kom ik langs een winkel die ook honden verkopen. Het zijn allemaal hele jonge hondjes en ze zitten in veel te kleine hokjes. Na een half uur ‘ooooh's' en ‘aaaah's' en gevraagd te hebben of ze wel uitgelaten worden en waar hun moeder is is de eigenaar me flink zat en ga ik maar weer verder.

Even verderop is de Bird Market en ja ook vogeltjes zijn hier uitermate populair. Ik ga terug naar het hostel en slaap een paar uurtjes. 's Avonds een Pepperoni Pizza bij de Pizza Hut...mmmh dat smaakt wel na al die Dal Baht. Daarna teruggelopen over de Temple Street Night Market. Deze markt wordt iedere avond opnieuw opgebouwd en de kraameigenaren verkopen vooral veel souvenirs en nepkleding.

De volgende ochtend lekker uitgeslapen en daarna richting Hong Kong Island. Ik neem de Star Ferry en ben binnen een paar minuten aan de overkant. Daar neem ik de bus richting the Peak. Vanaf the Peak schijn je een fantastisch uitzicht over de stad te hebben. Helaas is er vandaag onwijs veel smog en ik vind het uitzicht maar matig.

Ik neem de Peak tram omlaag en stap vervolgens op goed geluk op een dubbeldekker tram richting Causeway Bay. Iedereen spreekt Engels en is erg behulpzaam. Ik stap uit bij Times Square, een enorm winkelcentrum. Alle grote merken hebben hier een winkel. Hong Kong was in het verleden een kolonie van het Verenigd Koninkrijk. Pas in 1997 droegen ze het officieel over aan China. Hong Kong werd hierbij een Speciale Bestuurlijke Regio, waarin gedurende vijftig jaar niet dezelfde wetten gelden als in het communistische China. Hong Kong lijkt dan ook absoluut niet op het China dat ik heb gezien. Alle mensen zijn hier zeer zelfstandig, modern gekleed, Facebook is gewoon bereikbaar en ik kreeg bij binnenkomst gratis en voor niets een stempel om 90 dagen in Hong Kong te blijven. Van de Engelse invloeden is nog veel te zien. Alle bussen zijn dubbeldekkers en Marks & Spencer in aanwezig elk groot winkelcentrum. Het openbaar vervoer is fantastisch geregeld. Met één kaart kun je met de trein, tram, metro, ferry en bus. Wellicht dat de gemeente Rotterdam hier even een kijkje kan komen nemen?

Alle winkels in Times Square zijn veel te duur voor een backpacker, dus ik hou het snel voor gezien. Het is wel grappig dat er overal al kerstmuziek wordt gedraaid en het personeel van sommige winkels loopt zelfs met kerstmutsen op. Het voelt vreemd voor mij omdat het hier toch wel een graad of 20 is. Ik ga richting een gigantische mall met computerwinkels om een externe harde schijf te kopen. Ik eet wat, neem de metro terug naar Nathan Road en duik mijn bed in. De antibiotica lijkt goed te werken en ik voel me al een stuk beter. Het scheelt waarschijnlijk ook voor mijn keel dat ik even alleen reis en niet Dave heel de dag de oren van zijn hoofd klets. Ik probeer al mijn e-mails te beantwoorden, wat niet lukt (ik ga echt terugmailen mensen, alleen het duurt soms even), pak mijn tas en ga slapen.

Om 6:00 uur gaat de wekker. Douchen, spullen opruimen en met de bus naar het vliegveld. Ik had al online ingecheckt dus hoef maar een uur van tevoren aanwezig te zijn. Zelden zo'n mooi en georganiseerd vliegveld gezien. Kan zo doorlopen naar de gate en in het vliegtuig kan ik al kijkend naar Sex & the City en Gossip Girl genieten van mijn ontbijtje. Voordat ik er erg in heb zijn we al in Bangkok en ik neem de airport expres bus naar Khao San Road. Het hostel dat Dave heeft uitgezocht ziet er prima uit en we gaan meteen lunchen. De menukaarten zijn hier flink wat uitgebreider dan in Nepal en ik geniet van een stokbroodje met fetakaas. 's Middags nemen we de boot richting het postkantoor. Daar haal ik het pakketje op dat mijn ouders hebben opgestuurd. Behalve de zomerkleding en reisgidsen die ik er zelf heb ingedaan zit er o.a. zoute drop in, een boek om Spaans te leren (alvast voor Zuid-Amerika), Blistex en een kadootje van Mirjam. Ik ben helemaal blij met alle spulletjes uit Nederland en begin meteen aan de drop. We nemen een tuktuk terug naar Khao San Road, maar de chauffeur weet nergens de weg en 1,5 uur later zitten we er nog in. Het is op 5 december de verjaardag van de koning hier in Thailand en alle voorbereidingen zijn in volle gang. Hierdoor zijn een heleboel wegen afgesloten. Uiteindelijk stopt hij ergens en overlegt met een paar mannetjes langs de kant van de weg. Dan maakt hij ons duidelijk dat zij ons verder zullen brengen omdat ze makkelijker langs de wegopbrekingen kunnen. Binnen 5 minuten zijn we op Khao San Road en gaan eten. 's Avonds gaan we shoppen voor Dave, want hij heeft geen zomerkleding bij zich. Hij koopt een hele nieuwe garderobe. Zwembroeken, korte broeken, polo's, t-shirts, zonnebril, nep Birckenstocks en teenslippers. De verkopers worden gek van ons, want we zijn inmiddels aardig bedreven in het afdingen. Uiteindelijk heeft hij voor €40,- een hele nieuwe garderobe. We gaan wat drinken bij een tentje waar 2 mannen met een gitaar optreden en krijgen veel tips van andere reizigers over Laos, Vietnam en Cambodja.

De volgende ochtend uitslapen en naar de kapper. Het kost maar 150 baht (€3,-) en daarvoor wordt mijn haar langdurig gewassen, prima geknipt en geföhnd. 's Middags ook nog maar een massage genomen, was het in Nederland maar zo goedkoop, dan deed ik het elke week. Na het eten richting het treinstation, want we gaan richting de grens van Thailand en Laos. De trein vertrekt om 20:00 en de rit duurt ongeveer 12 uur. Er waren helaas geen kaartjes meer voor de sleepers, dus we hebben een gewone stoel. Gelukkig zijn niet alle plaatsen bezet en slaap ik nog redelijk wat uurtjes. Als we 's ochtends aankomen in Nong Khai nemen we een tuktuk naar een guesthouse dat overal wordt aangeprezen en inderdaad ook erg mooi is. Het lijkt wel een soort resort, maar dan met een knusse sfeer waar je zelf je drinken kan pakken en het op moet schrijven in een boekje. We ontbijten (eindelijk weer een keer yoghurt, was in Nepal niet te krijgen) en besluiten om naar Salakeawkoo te gaan, een park met grote Boeddhistische beelden. Dave heeft het al weken over het huren van een motorbike, dus vandaag moet ik eraan geloven. Het is hier erg rustig op de weg dus we crossen zonder problemen met een kaart van het guesthouse richting het park.

Het zijn indrukwekkende beelden en er zijn nauwelijks toeristen in het park.

We gaan terug richting het hostel en schrijven ons in voor een barbecue met livemuziek die vanavond wordt georganiseerd ter ere van de verjaardag van de koning. Vanaf het guesthouse kunnen we de Friendship Bridge die Thailand en Laos verbindt al zien liggen. Morgenochtend zullen we deze brug oversteken en de bus nemen richting Vang Vieng. To be continued....

P.s. als iemand de dringende behoefte heeft mij drop, stroopwafels of kaas te sturen dan kan dat naar mijn familie in Sydney, waar ik logeer van 9 t/m 16 januari. Voor het adres kan je mijn moeder lastig vallen op [email protected].