Roos gaat de wereld rond

Free Tibet!

Na een aantal dagen in Lhasa te hebben doorgebracht moet ik jullie toch echt even vermoeien met een stukje geschiedenis om meer te begrijpen van dit bijzondere land. In 1949, tijdens de stichting van de Volksrepubliek China, wordt Tibet uitgeroepen tot een provincie van China omdat de Chinezen van mening zijn dat Tibet op Chinees grondgebeid ligt. Op 7 oktober 1950 trok het Chinese ‘Volksbevrijdingsleger' Tibet binnen. De Chinese regering noemt het een vredevolle bevrijding, maar de Tibetanen en een groot aantal niet-gouvernementele organisaties zien deze operatie als een invasie. China beweerd dat ze de Tibetanen hebben geweerd van verdere armoede en modernisatie en hoop hebben gebracht. Tibet zit dit anders en in 1960 volgt een aanvaring met honderdduizenden doden tot gevolg. Vooral de afkeer van Mao tegen religie leidde tot een veel geweld tegen het boeddhisme die Tibet en de rest van China verscheurde. Duizenden Tibetaanse kloosters werden door Chinese soldaten aangevallen, geplunderd en vernietigd. De centrale Chinese regering ontwikkelde de verbouwvisie van tarwe en rijst in plaats van gerst, wat vanwege het Tibetaanse klimaat mislukte en uitliep op hongersnoden. Eeuwenoude boeddhistische geschriften werden verbrand of als toiletpapier gebruikt. Het grootste deel van het culturele erfgoed ging verloren. De Daila Lama (religieus en politiek leider van Tibet) vluchtte naar India, waar hij politiek asiel kreeg en tot op de dag van vandaag honderdduizenden Tibetanen in ballingschap voorzit.

Inmiddels wonen er meer Chinezen dan Tibetanen in Tibet, mede doordat veel Tibetanen gevlucht zijn met de Dalai Lama en de Chinezen een bonus krijgen als ze in Tibet gaan wonen. Bovendien zijn er zo'n 200.000 Chinese soldaten in Tibet. De Tibetanen zijn vooral werkzaam in de landbouw en veehouderij. De Chinezen werken veelal bij de overheid of in de handel of dienstverlenende sector. De officiële taal is Chinees. De meeste Tibetanen spreken echter Tibetaans. Op scholen is Chinees de voertaal geworden, wat de autochtone bevolking veelal belemmert om middelbaar of hoger onderwijs te volgen. Zodoende wordt hun positie op de arbeidsmarkt verzwakt.

Ondanks de vele goede invloeden die China heeft op Tibet (het bouwen van wegen, scholen, ziekenhuizen), kunnen veel Tibetanen de culturele vernietiging en de militaire aanwezigheid van de Chinezen niet verkroppen en dat kunnen wij goed begrijpen als wij ons onder de lokale bevolking begeven.

Zodra wij ons buiten Lhasa bevinden is er veel minder te merken van de Chinese invloeden. We gaan zondagochtend in een Landrover samen met onze gids Sam en chauffeur richting Gyantse. De hoogteverschillen tijdens de rit zijn enorm. Na een uur of 2 rijden komen we bij het Yamdrok meer, ook wel bekend als ‘the turquoise lake'. Het meer doet zijn naam zeker eer aan, de foto's lijken wel nep zo blauw is het meer. De omgeving is echt ongekend mooi. Overal waar je kijkt prachtige bergen en strakblauwe lucht. We komen af en toe door wat kleine dorpjes en moeten geregeld stoppen voor koeien, yaks of schapen die op de weg lopen. We kijken ons ogen uit. Na een lunch is een dorpje onderweg (Dave eet yakvlees....bah!) gaan we weer verder en komen langs diverse gletsjers. We verheugen ons nu al op onze trek door de Himalaya, want de besneeuwde toppen zijn prachtig. Einde van de middag komen we aan in Gyantse. We gooien onze tassen in de kamer en lopen lekker in het zonnetje door het stadje. Het is zo'n groot verschil met Lhasa. Geen fastfoodketens, geen herrie en geen soldaten, maar brede straten met kleine winkeltjes waar ook gerust koeien en andere dieren loslopen. Het is moeilijk te beschrijven, maar de sfeer is hier top. We doen wat inkopen bij de supermarkt (Gert zoekt al sinds we in China zijn deodorant, maar dat is hier gewoon niet te koop!) en gaan lekker lezen in de zon. Na het eten duiken we meteen in onze slaapzakken, want zodra de zon hier onder is koelt het af tot vriespunt en er is geen verwarming in het hostel.

Maandag proppen we alle spullen weer in de Landrover en gaan op weg naar Shigatse, de 2e grootste stad van Tibet. Het is maar 90 kilometer, maar door al het vee dat op de weg loopt moeten we vaak stoppen. Ook in Shigatse gaan we meteen de stad verkennen. We lopen over de markt en langs het klooster. Alle schoolkinderen (te herkennen aan hetzelfde trainingspak) zeggen ‘Hello, welcome to Shigatse'. Schijnbaar leren ze op school om dit tegen alle toeristen te zeggen. 's Middags beetje kaarten, lezen en touwtje springen om onze conditie te peilen op deze hoogte. We hebben inmiddels van de gids te horen gekregen dat we elke dag in de Himalaya 27 km af moeten leggen. We maken ook een boodschappenlijst voor onze trip, waar voornamelijk noodles en water op staan. 's Avonds gaan we met 4 andere backpackers eten bij een klein Tibetaanse eettentje naast het hotel. Ik eet er de lekkerste fried rice tot nu toe...mmmh. En dat alles voor €1,50. Daarna gaan we naar een bar waar volgens de gids een Tibetaans dansoptreden is. Als we er zijn blijkt het meer een soort Tibet's got talent te zijn met hele slechte deelnemers...

De volgende dag weer de Landrover in en richting Lhatse. We zijn er rond het einde van de middag en gaan maar weer de stad verkennen. Kees blijft in het hostel, want die heeft erge kiespijn gekregen. We komen langs een markt waar ze met een zaag yaks aan stukken aan het snijden zijn...bah! De jongens gaan er natuurlijk met hun neus bovenop staan, maar ik blijf lekker op een afstandje. Ben hier in Tibet spontaan vegetariër geworden (voor zolang het duurt). Er staan hier net zoals in elke andere Tibetaanse stad overal pooltafels buiten. Gert en Dave spelen een paar potjes en hebben veel bekijks van de locals. 's Avonds helaas geen douche, want die is niet aanwezig in het heel Lhatse. Als we vragen waarom niet zegt Sam dat het hier te koud is en de waterleidingen dus bevriezen.

De volgende ochtend vroeg op, want we gaan richting het beginpunt van onze trekking: Old Tingri. Kees heeft echter ondanks veel pijnstillers onwijze pijn in zijn mond en zijn hele bovenlip is opgezwollen. Hij moet zo snel mogelijk naar een tandarts en heeft waarschijnlijk een wortelkanaalbehandeling nodig. Dit wordt echter heel lastig hier in de buurt (volgens Sam trekken ze gewoon je tanden eruit als je pijn hebt) dus hij moet terug naar Lhasa. We moeten helaas haastig afscheid nemen en hopen dat hij zich binnenkort weer bij ons kan voegen. Het is even wennen met z'n drieën, maar helaas is het niet anders. We zijn ook gewisseld van gids, want omdat Sam uit een bepaald deel van Tibet komt mag hij niet verder dan Lhatse. Yeshi is onze nieuwe gids en is een vriend van Sam. Het is ongeveer 4 uur rijden en onderweg komen we langs een Chinees checkpoint waar alle papieren streng gecontroleerd worden. Onze nieuwe gids verteld veel over de omgeving en we krijgen eindelijk ook wat meer informatie over de trekking. Hij zegt dat het nu eigenlijk naseizoen is en dat niemand meer gaat trekken omdat het te koud is. Waarom wij daar niet eerder over geïnformeerd zijn weet hij eigenlijk ook niet. Als we vragen of we 's avonds een vuur kunnen maken zegt hij dat er geen hout is om dat te doen. De bergen zijn hier namelijk heel kaal. Hij zegt dat we misschien wel yakpoep kunnen vinden om aan te steken. Wij schieten steeds harder in de lach en zien het allemaal wel zodra we op weg zijn. Na te hebben geluncht in een klein dorpje hebben we prachtig uitzicht op de Mount Everest. We zijn ook weer gestegen in hoogte. Aangekomen in Old-Tingri zitten we namelijk op 5000 meter. Ik voel het in mijn hoofd en krijg weer lichte hoofdpijn. Hopelijk is het morgen over als we gaan trekken. In Old-Tingri zijn heel veel kinderen die bedelen om geld. Ze trekken zelfs aan je arm als je ze negeert. Het is heel moeilijk om te zien, maar we proberen ze niets te geven behalve snoepjes.

In het hostel zitten een aantal andere toeristen die vandaag bij het Everest Base Camp zijn geweest. Niemand van hen is gaan trekken en ze verklaren ons voor gek dat we in een tent gaan slapen. Ze zeggen dat het ijskoud is. We zullen zien!

De afgelopen dagen zijn de verschillen tussen Lhasa en de rest van Tibet overduidelijk geworden. In Lhasa zijn de mensen voorzichtig, altijd op hun hoede voor de soldaten en de Tibetaanse cultuur is grotendeels vervangen door de Chinese. In Gyantse, Shigatse, Lhatse en het omliggende platteland zie je veel meer van de traditionele Tibetaanse cultuur. Het is er rustiger en mooier, maar de mensen leven wel gedeeltelijk in armoede. Ik krijg echter niet de indruk dat deze mensen ongelukkiger zijn. Ik zou het zonde vinden als behalve Lhasa ook de rest van Tibet verchineest. Ik hoop dat ze hun eigen identiteit kunnen behouden, maar ik vrees het ergste.... FREE TIBET!

Reacties

Reacties

Joyce

Roosie,
Leuk verhaal weer, ga zo meteen de volgende lezen!!
Je kado viel in goede aarde bij Pauline, goed gekocht dus!!!
Gister weer gewonnen, 5-1 van de Alblas. Goed he!!!!

Kusss

Miek

Interessant zeg! Je hoort het altijd wel in het nieuws enzo, maar is zo'n typisch ver-van-je-bed verhaal. Boeiend om het zo te lezen!

xx

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!